Het was het curieuze slot van een ONK dat niet de boeken in zal gaan als de meest spectaculaire editie. Dat viel eerlijk gezegd ook niet te verwachten. Op de Weissensee waren de omstandigheden werkelijk ideaal. Een fel zonnetje aan een strakblauwe hemel, geen wind en prima ijs. Dan is het over honderd kilometer bijna wachten op een sprint.
Daar leek het ook heel lang op. De ploeggenoten van Gary Hekman stelden bijvoorbeeld alles in het werk om de incidentele vluchters terug te halen. Alles voor hun kopman, die bij een massale aankomst de beste papier zou hebben.
Berga zag het allemaal gebeuren, maar de Drent maakte zich er niet zo heel druk om. Hij had niet het gevoel dat hij iets aan de koers zou kunnen bijdragen. ’’Ik reed zo bagger in de rondte’’, verzuchtte Berga. ’’Het hele seizoen is al niet best. De trainingen gingen niet, in de wedstrijden liep het voor geen meter. Ook vandaag niet. Ik kon niks met dit ijs, vroeg me onderweg af waar ik in vredesnaam mee bezig was. En dan zag ik op twee kilometer voor de streep nog mannen als Hekman, Stroetinga en Hoolwerf. Dan denk je dat je kansen verkeken zijn.’’
Maar tien minuten later stond Berga daar. Ongeloof in de ogen, bejubeld door zijn ploeg Okay Fashion & Jeans. Op een kilometer van de streep probeerde hij nog wat, reed weg uit het peloton. ’’Eigenlijk een kansloze poging’’, vond hij zelf. ’’Maar ik kreeg wat meters, de rest keek elkaar even aan, en dan ben je toch weg. Maar ik had nooit verwacht dat ik het zou halen.’’
Hekman wachtte, gokte en verloor. Pas in de laatste meters zette hij vol aan, maar Berga was weg en bleef weg. ’’Ik heb nooit omgekeken, ben vol gas naar de finish gegaan. Vorig jaar deed Jorrit Bergsma het ook ongeveer zo. Vandaag was het dan mijn beurt. Vlak voor de finish wist ik dat ik het ging halen. Dat is zo’n bijzonder gevoel.’’
De altijd nuchtere Drent werd er emotioneel van, voelde hoe de tranen in zijn ogen stonden. Dat ws begrijpelijk na het moeizame seizoen dat Berga doormaakte. ’’Het was in het begin helemaal niks’’, stelde hij zelf vast. ’’Misschien een beetje de verkeerde aanpak, misschien een beetje vermoeid begonnen aan het seizoen. We hadden er allemaal last van. Maar de laatste wedstrijden ging het bij mij wel wat beter.’’
Hij zag de parallellen met zijn seizoen drie jaar geleden, toen een enkelbreuk de start bijzonder lastig maakte. ’’Toen was het de eerste maanden eigenlijk ook helemaal niks. Maar ook dat jaar won ik hier wel deze titel.’’ Lachend: ’’Misschien moet ik maar vaker slecht beginnen.’’
Zijn ploeggenote beukten hem nog maar eens op de schouders, net als ploegleider Peter de Vries. Berga onderging het met een brede lach. ’’Het was een knalharde wedstrijd, waarin we er als ploeg toch weer stonden. Eigenlijk reed iedereen een fantastische wedstrijd, behalve ik. Maar toevallig maak ik het dan toch wel af. Ik kan het nog steeds niet geloven, maar jongen, wat is dit een heerlijke overwinning.’’