De manier waarop hij de zege pakte was desondanks haast gelijk. In Tilburg al die jaren terug wist hij de sprint te winnen van een kopgroep van vijftien man. Bij de zesde marathon van de reguliere competitie herhaalde hij dat kunstje bijna net zo. Dertien rijders wisten op de Uithof pas vlak voor de finale een ronde voorsprong te nemen op het peloton. In de slotfase wachtte hij zijn kans af, om in de sprint vervolgens af te rekenen met Wokke-duo Bram Kras en Luke Kooij.

“En dat terwijl ik niet echt een sprinter ben”, klonk het uit de breed lachende mond van Bouma, die voor het tweede jaar op rij voor Okay / Vreugdenhil Dairy Foods uitkomt. De verklaring voor zijn snelle eindschot heeft hij echter snel paraat. “Mijn ploeggenoten zijn in de training alleen elke keer net een tikje sneller dan mij. Zo is mijn snelheid ook heel erg omhoog gegaan. Ik rij snellere rondjes dan vorig jaar, sneller dan ik eigenlijk ooit heb gereden.”

Zoek de verschillen: dit is Bouma in februari 2020. | Foto: Hidde Muije

Zodoende vertrouwde Bouma erop dat hij zijn tegenstanders in de sprint kon pakken. Hij gokte dat de koppeltjes van Wokke Vastgoud en Speelman de boel bij elkaar zouden houden en ook de sterke Chris Brommersma deed een duit in het zakje. Een beetje geluk had Bouma dus wel, moest hij toegeven, al was hij zeker van plan om zelf te gaan als de situatie daar om vroeg. Want zo goed voelde hij zich intussen weer, na jaren van pech en tegenslag.

Want na die overwinning in Tilburg kwam eerst de pandemie. Bouma werd ingelijfd door Bouw & Techniek, maar kon voor die formatie niet in actie komen. Bij Royal A-ware kreeg hij vervolgens de kans op het hoogste niveau. Daar kwam hij nooit uit de verf. Hij raakte overtraind, verloor het plezier en na drie jaar verliet de zoon van oud-marathontopper Haico gedesillusioneerd de sport.

Een definitief afscheid bleek dat niet. “Na twee maanden niks doen kwam ik er alleen wel achter dat ik nog niet klaar was met schaatsen”, vertelde Bouma in Den Haag. “Ron Neymann en Edward van Dijk hebben me opgepikt en bij de beloften van Okay ondergebracht. Die zomer heb ik me alleen met zestig aan het uur tegen een berg aan geparkeerd. Dat was niet heel top”, kon Bouma daar nu om lachen.

Het podium in Den Haag: Ids Bouma, Bram Kras en Luke Kooij
Het podium in Den Haag: Ids Bouma, Bram Kras en Luke Kooij | Foto: Neeke Smit

“Daar heb ik nog heel lang last van gehad. Vlak voor het seizoen kon ik nog twee weken echt goed trainen, maar tijdens de winter verbeterde ik nauwelijks meer. Pas aan het eind kwam ik er een beetje doorheen en reed ik naar het podium in Heerenveen. Toen wist ik dat ik zeker nog een jaar door wilde gaan.”

Dit seizoen heeft Bouma zijn oude zelf weer teruggevonden. Tijdens de Vier van Noord-Holland mocht hij zelfs weer proeven van het hoogste niveau. Wat de Fries betreft is dat een voorbode voor de nabije toekomst. “De Topdivisie is altijd weer het doel geweest. Vorig jaar was bedoeld als tussenjaar bij de B’s om terug bij de A’s te komen, maar met mijn seizoen van vorig jaar was dat echt niet reëel. Nu hoop ik dat het wel zo is. Ik ben in ieder geval op de goede weg.”

Bekijk hier de uitslagen.