Al drie jaar heerst Femke Kok op de 500 meter. Ze is nagenoeg onverslaanbaar en sinds november ook de trotse eigenaar van het wereldrecord. Maar deze winter is ze op meer afstanden succesvol. Op een trainingswedstrijdje begin oktober zette de 25-jarige schaatser uit het niets een baanrecord neer op de 1500 meter. Ja, de omstandigheden waren uitmuntend, maar toch had niemand verwacht dat uitgerekend de wereldkampioen 500 meter daarvan zou profiteren. Na 2,5 maand de afstand links te hebben laten liggen, haalde ze eind december bovendien een startbewijs binnen voor de olympische 1500 meter.
Ook op de 1000 meter is eindelijk het kwartje gevallen. Al jaren vertelt de voormalig wereldkampioen allround bij de junioren dat ze op de kilometer goede resultaten kan neerzetten, maar op de beslissende kwalificatiemomenten liet ze het vaak afweten. Vorige winter behaalde ze voor het eerst internationaal succes op het onderdeel, door zilver te pakken op het WK.
Dit jaar is ze nog verder gegroeid. Kok won zowel het NK Afstanden als het Olympisch Kwalificatietoernooi en een World Cup. Bovendien is ze de enige schaatser die bij alle vijf de wereldbekers op het podium is geëindigd. “Dat geeft me hoop. Net zoals mijn persoonlijke records die ik deze winter gereden heb. Het gaat steeds beter, maar ik heb de afstand nog niet helemaal onder controle.”
Daarmee doelt Kok op haar techniek. Op de 500 meter gebruikt ze haar vinnige sprintslag, op de 1500 doet ze rustig haar armpjes op de rug. Om daar de perfecte balans tussen te vinden voor de kilometer is nog lastig. “Ik wil dan net iets te graag en rijd dan in de slag van mijn 500 meter.”
De concurrentie
In Milaan begint Miho Takagi (31) aan haar laatste Olympische Spelen. Ze heeft een duidelijk doel voor ogen: goud op de 1500 meter. Op die afstand moest ze zowel in 2018 als 2022 genoegen nemen met zilver, achter Ireen Wüst. Maar ook op de kilometer mag Takagi gerekend worden tot de kanshebbers, gezien haar olympische titel van 2022 en haar wereldtitels van 2024 en 2025.
Wie zeer waarschijnlijk ook begonnen is aan haar laatste Winterspelen, is Jutta Leerdam. Zij wil vanmiddag alles op alles zetten om dat ene hiaat in haar palmares op te vullen: de olympische titel op haar favoriete 1000 meter. Dit seizoen is ze niet oppermachtig, maar met drie World Cup-zeges heeft ze wel de beste papieren voor het goud. Vooral haar laatste optreden in Inzell was indrukwekkend, toen ze een baanrecord schaatste. Als ze die vorm heeft doorgetrokken, moet de concurrentie van goeden huize komen om haar nog te kunnen aftroeven. Of is er de laatste dagen te veel ruis rondom de Westlandse gekomen?
Kok is niet geschrokken dat ze tijdens het laatste treffen in Inzell bijna een seconde achter haar landgenoot eindigde. “Het is mooi dat Jutta zo uithaalde, maar ik was daar nog niet aan het pieken. Ik was vermoeid na een zwaar trainingsblok. Ik houd vertrouwen. Iedereen begint immers weer op nul.” Gezien Kok zowel een betere 500 als 1500 meter in huis heeft in vergelijking tot Leerdam, waar kan ze dan het verschil maken? “Ik kan zeker winst pakken in de opening. Als ik uitgerust en fit ben, kan ik ook een goede laatste ronde neerzetten.”
Wat wijzen de cijfers uit?
In onderlinge confrontaties deze winter is het 3-3 tussen de Nederlandse vrouwen. Zoals gezegd won Kok het NK, OKT (na val Leerdam) en de tweede World Cup. Leerdam legde beslag op wereldbeker één, drie en vijf. In al die races is Kok steevast sneller in de opening. Wie het best de rondjes rijdt, is afhankelijk van de vorm van de dag. Beide vrouwen zetten in hun gewonnen ritten de beste eerste en tweede ronde neer.
Vergelijken we dit met Miho Takagi, dan zien we dat de Japanse het minst snel uit de startblokken vertrokken is, maar wel altijd het beste slot heeft. Op het zware ijs van Milaan lijkt ze daarmee iets in het voordeel, al hebben de eerste twee dagen van de Spelen uitgewezen dat ook in de congreshal ontzettend hard geschaatst kan worden.
Hoeveel Kok ook gegroeid is op de 1000 meter, haar hoofddoel ligt op 15 februari. Dan kan ze de eerste Nederlandse vrouw worden die olympisch goud wint op de 500 meter. “Het zou een droom zijn om hier die titel te veroveren. Ik beschouw het als compliment dat ik gezien word als topfavoriet. Maar de media maken de Spelen belangrijker dan ze zijn. Ik ben al drie keer achter elkaar wereldkampioen, dit is dezelfde wedstrijd met een andere naam. Alleen omdat het olympisch is, wordt het groter gemaakt. Natuurlijk zou het wel uniek zijn als het me lukt.”