“Zo, wat een chaos was het daar beneden”, erkent een breeduit lachende Harrie Lavreysen (28), doelend op de ontmoeting met Jens van ’t Wout die hij even eerder heeft gehad in de kleedkamer van de Hollandse shorttrackers. De winteratleten zijn net begonnen aan het Odido EK. “Ik dacht dat het bij ons in de box op het middenterrein van de wielerpiste altijd een bende was…. Hahaha! Ik snap het wel hoor, daar gebeurt het allemaal, en het is prettig wanneer je een beetje een afgesloten ruimte hebt waar je kunt verblijven. Aan de andere kant: ik vind het fijn om tijdens mijn toernooien alle races te kunnen volgen. En dat kan mooi vanaf de stek die wij hebben op de baan”, vertelt de Brabander die op uitnodiging van teammanager Geeske van Wijk voor een paar uur is afgezakt naar het IJsstadion in Tilburg.

Hij zit op de tribune zichtbaar te genieten van atleten die als TGV’s hun rondjes draaien op de bevroren piste. Het is de eerste keer dat Lavreysen, twintigvoudig wereldkampioen en in het bezit van vijf olympisch gouden plakken, de sport live meepakt. “Het lijkt veel op baanwielrennen, ik zie tenminste veel gelijkenissen met bijvoorbeeld de keirin. Alleen is hier de start een stuk spannender. Zowel in een shorttrackrace als een keirinwedstrijd is het van belang dat je een goede positie hebt. Er kunnen echter op het ijs veel meer onverwachte dingen gebeuren. Je bent zoveel afhankelijker van tegenstanders. Ik vind het heel mooi”, geeft hij aan. “Alleen jammer dat het niveau niet heel hoog is op dit kampioenschap, want de onderlinge verschillen zijn erg groot.”

Hoewel hij nu echt kennis heeft gemaakt met Van ’t Wout, is het moeilijk te vertellen hoe hij naar de atleet uit Sintjohannesga kijkt. “Daarvoor heb ik nog te weinig van hem gezien. Maar het spel van het positioneren, de snelheid in de bochten, echt, heel gaaf. En dan hoe sommigen keihard de kussens in vliegen. Ik begreep daarstraks dat de rijders nog niet zo lang geleden op die harde ijshockeyboarding knalden. Niet normaal!”

Nu doceert Harrie, terwijl Jens, de bondscoach en teammanager Geeske aandachtig luisteren.
Nu doceert Harrie, terwijl Jens, de bondscoach en teammanager Geeske aandachtig luisteren. | Foto: KNSB - Shapevisions

Een uurtje of wat later komt Van ’t Wout door de mixed zone. Hij heeft voor het eerst in vier winters onder leiding van bondscoach Niels Kerstholt een dag zonder relays gehad, omdat het tijdens de schifting voor de hoofdronde van het EK ‘niet zo nodig is geweest’. “Dit zijn de momenten waarop ik nog rust kan pakken in de aanloop naar de Winterspelen. Ik heb werkelijk altijd alles gereden als het op de aflossingen aankomt, zelfs toen ik aan mijn enkel geblesseerd was”, merkt hij grinnikend op. “Leuk dat er vandaag toevallig tijd was om even met Harrie te praten. Hij is een van de weinige topatleten die ik heel cool vind als persoon. Ik ben nog niet zo heel lang bekend met wielrennen op de piste, maar alles wat ik hoor of zie van hem is positief.

“Het is ongelooflijk hoe goed hij het altijd doet in zijn sport. Dat is echt vet. Ik ben nu ook een beetje een van de mannen die het op de Winterspelen moet doen voor Nederland. Dus heb ik aan Geeske gevraagd…..” Van ’t Wout onderbreekt zijn zin om zichzelf te verbeteren. “Eigenlijk heeft Geeske gevraagd of Harrie een keer zou kunnen komen zodat ik met hem een gesprekje kon hebben omdat ik benieuwd was hoe hij verschillende zaken aanpakt. Zelf durfde ik dat niet zo goed. Het EK bleek een goede gelegenheid: dicht in de buurt van waar hij woont. Doordat ik geen relay hoefde te schaatsen, heb ik mooi met hem kunnen samenzitten en uitgelegd hoe dat onderdeel werkt. Want voor iemand van buiten de sport is dat heel ingewikkeld.”

Het is Jens opgevallen dat Lavreysen een man is van de details. “Hij heeft wat dingen uitgelegd over de fietsen waarop hij rijdt. Toen we over de schaatspakken praatten, werd duidelijk dat er op dat gebied best wat overeenkomsten zijn. Dat baanwielrennen is super, daar heb ik zeker liefde voor. En respect is er sowieso voor wielrenners, al zal ik niet snel naar het gewone wegwielrennen gaan kijken. Dat vind ik niet leuk, en evenmin om zelf te moeten doen. Baanwielrennen zou ik graag een keer proberen. Tenminste, als er een kleiner voortandwiel op zo’n fiets kan worden gezet, want anders krijg ik dat echt niet rond.”

Jens en Harrie in een onderonsje
Twee grootheden uit totaal twee verschillende sporttakken. | Foto: KNSB - Shapevisions