Anders gezegd: de hoop is dat er zich het komend jaar 3.000 rijders melden die allen minstens een keer de Elfstedentocht tot een goed einde hebben weten te brengen – op de schaats welteverstaan. Die krijgen een plek op een tegeltje dat op de brug wordt bevestigd. Oorspronkelijk was het plan de ‘betegeling’ van de monumentale brug bij Gytsjerk pas af te ronden nadat de zestiende editie van de legendarische schaatsrit door Friesland zou zijn verreden.

Omdat de tocht al bijna dertig jaar op zich laat wachten, is besloten daarvan af te zien. In 2027 is het drie decennia geleden dat Henk Angenent en Klasina Seinstra de Elfstedentocht wonnen, en 11.570 toerrijders de finish haalden. Dat is de reden van de stichting It Sil Heve de Tegeltjesbrug het komende jaar te laten voorzien van de resterende 3.000 tegels met foto’s en namen. In 2001 was de onthulling van het eerste deel van de brug, zeven jaar nadien werd het tweede deel gepresenteerd.

Vandaar dat de stichting oud-deelnemers of verwanten van inmiddels overleden deelnemers oproept een aanvraag te doen voor een tegeltje. Dat gaat overigens wel gepaard met kosten: voor een plek op de brug moet 175 euro per tegel worden betaald. Aanmelden voor een tegel kan via tegeltjesbrug.nl.

De voorwaarden om in aanmerking te komen voor een tegel:

– de Elfstedentocht moet op de schaats zijn uitgereden
– het kan gaan om een levende of overleden deelnemer aan De Elfstedentocht
– de schaatser heeft nog geen tegel op de brug
- bereid zijn om 175 euro te betalen voor een tegel

Let op!
De redactie van Schaatsen.nl ziet het als een mooie gelegenheid weer wat extra aandacht te schenken aan ’s lands grootste sportevenement. Wie zich opgeeft voor een tegel, zal ongetwijfeld ook mooie herinneringen hebben aan het avontuur van het volbrengen van de Elfstedentocht. Die verhalen tekenen we graag op! Een vriendelijk verzoek om dezelfde (digitale) foto, naam en een telefoonnummer op te sturen naar
redactie@schaatsen.nl

Close-up Tegeltjesbrug
Zo zien de tegeltjes met foto en naam erop er van dichtbij uit. | Foto: Lucas Kemper