De eerste dagen van de twee weken durende oefenperiode vinden op  sportcentrum Papendal plaats, waarna de groep verkast naar Enschede waar de trainingen op het zomerijs op het programma staan.

Jong Oranje-coach Jeroen van der Lee denkt dat de schaatsers veel zullen hebben aan het gezamenlijke trainingskamp. “De Koreanen zijn op jonge leeftijd technisch al heel goed. Wij willen weten welke trainingen zij doen en daarom verzorgen ze tijdens het kamp bijvoorbeeld ook een sprongtraining. Andersom laten wij hun zien hoe het Nederlandse programma er op hoofdlijnen uitziet met onder meer fietsen”, zegt hij.

De komst van de Zuid-Koreanen is een uitvloeisel van het partnership tussen de KNSB en de Zuid-Koreaanse bond KSU.  Het huidige trainingskamp is volgens algemeen directeur van de Nederlandse bond Paul Sanders een mooi voorbeeld van de win-winsituatie dat het partnership is. “Wij kunnen leren van de Zuid-Koreaanse shorttrackexpertise en zij leren van onze kennis op het gebied van langebaan.”