Hoe Kjeld Nuis daar met ontbloot bovenlijf op de boarding zat na zijn 1500 meter had wel wat weg van zijn coach in 2002. Gerard van Velde liep destijds als een soort Tarzan rond in Salt Lake City na zijn eigen olympische 1000 meter, in afwachting van zijn concurrentie. Uitzinnig sprong hij vervolgens in de rondte, toen niemand onder zijn tijd kon komen. Twintig jaar later was dezelfde euforie te zien bij Kjeld Nuis.
Voor de 54-jarige coach was de ontlading enorm na de gouden medaille van Femke Kok op de 500 meter, afgelopen zondag. Ooit had hij zichzelf ten doel gesteld dat een Nederlandse vrouw onder zijn leiding de olympische titel op het kortste sprintnummer moest pakken. In die missie slaagde hij glansrijk met Kok.
Het eremetaal van Nuis was voor Van Velde ook zeer waardevol, zo legde hij uit. “Kjeld is een echte kampioen. Een jaar of tien, vijftien geleden waren rijders al lang gestopt op hun 36ste. Voor mij was het de uitdaging om Kjeld op latere leeftijd steeds beter te krijgen, net zoals Ireen Wüst die vier jaar terug op haar 35ste olympisch goud veroverde. Mensen worden steeds ouder, maar sporters moeten ook langer mee kunnen, zeker met alle kennis van tegenwoordig. Ik hoop dat we de actieve leeftijd van een topsporter omhoog kunnen krijgen, zodat we steeds meer richting de veertig jaar gaan.”
“Het doet mij bijvoorbeeld heel goed dat Jorrit Bergsma op die leeftijd hier meedoet. Al is hij natuurlijk wel van de lange afstanden. Op de sprint begint het vaak als eerst te wringen. Er komt mede door de krachttrainingen zoveel druk op zo’n rijder te staan. Waar marathonschaatsers makkelijk tot een jaar of veertig door kunnen gaan, is dat bij sprinters een zeldzaamheid. Kjeld is de laatste van zijn generatie. Door nu op het podium te staan verlegt hij een grens van wat mogelijk is op latere leeftijd. Dat vind ik zo knap.”
Meerdere factoren spelen daarbij een rol, aldus Van Velde. Allereerst het ongeremde enthousiasme en de enorme drijfveer die Nuis bezit. “Hij is een van de meest gemotiveerden bij ons in de ploeg. Daarnaast is hij technisch heel goed. Hij blijft als een katje bewegen en kan mee met de nieuwste technische aanpassingen.
“In het begin van zijn carrière heeft Kjeld de Spelen gemist. Hoewel hij een verschrikkelijk talent was, kwam het niet allemaal in één keer. Door de jaren heen is hij zich blijven ontwikkelen. Fysiek, mentaal en technisch. Kijk wat hij nu rijdt: 1.42 op een laaglandbaan. Kjeld heeft daarnaast een goed lijf. Al achttien jaar bedrijft hij topsport. Ik moet het afkloppen, maar hij herstelt heel goed. Ik heb jongens van twintig die vaker wat mankeren en meer hersteltijd nodig hebben. Kjeld is gezegend met een goed sportlijf.”