Ooit was ze een schaatser die alleen uit de voeten kon op de 500 meter. Die daar de concurrentie haar wil oplegde, titels pakte en onklopbaar werd. Voor Kok was dat alleen niet voldoende. Ze wist dat ze meer was dan die pure sprinter. Dat ze ook op de 1000 meter verschrikkelijk hard zou kunnen rijden.

Die belofte loste ze, als ze dat al niet eerder gedaan had, maandagavond in. Met de snelste opening van het veld, een topsnelheid van 55 kilometer per uur en zelfs een sterke slotronde van 28,6 zette ze een olympisch record neer: 1.12,59. “Is het genoeg of niet?”, schoot door haar hoofd terwijl ze de race van Jutta Leerdam bekeek. “Ik wist dat ik een goede kans had op goud. Mijn coaches beaamden dat. Uiteindelijk baal ik dat het net niet voldoende was.”

Femke Kok Milaan
Ongeloof bij het zien van haar tijd. | Foto: Orange Pictures

Jutta Leerdam maakte het verschil in de eerste ronde en pakte daarmee haar lang gekoesterde gouden medaille. De knuffel van de twee beste sprinters op het middenterrein was veelzeggend. “De pers maakt er altijd een tweestrijd van, Jutta dit, Femke dat. Maar wij kunnen het prima met elkaar vinden. Er is veel wederzijds respect. Deze medailles zijn een mooie beloning voor ons. Samen hebben wij het sprinten naar een hoger niveau getild. We dagen elkaar uit. Hoe vet is het dan dat we als eerste en tweede eindigen en zo boven het veld uitsteken?”

Heel vet, vonden ook de duizenden fans die in het oranje op de tribune zaten. Van voetballers Stefan de Vrij en Denzel Dumfries tot koning Willem-Alexander en koningin Maxima; iedereen met een Oranje-sporthart wilde dit spektakel meemaken. “Dat publiek, het schreeuwde zó hard. Ik hoorde mijn ijzers niet, het ijs hoorde ik niet. Ze droegen me echt naar de finish. Dit was anders dan in Thialf. Alle supporters zijn speciaal voor ons afgereisd naar Milaan. Dat bezorgt me echt kippenvel. Ik ben al die fans heel dankbaar", aldus Kok.

Zondag mag ze daar opnieuw van genieten, als ze haar favoriete 500 meter op het programma heeft. De afstand waarop ze met niets minder genoegen neemt dan goud. Zo’n sterke rit moet vertrouwen geven. “Dat geeft het vooral voor de 1500. Ik reed vandaag een slotronde van 28,6, dat heb ik nog nooit gedaan in Europa. Het kwam zo makkelijk, dat heb ik niet eerder meegemaakt. Ik heb nu gemengde emoties, maar ben ook extra gemotiveerd voor mijn andere twee afstanden. Mijn moment moet nog komen.”