De overwinning van Eitrem kwam niet uit de lucht vallen. Eerder dit seizoen liet hij tijdens de wereldbeker in Inzell al zien in topvorm te verkeren door als eerste schaatser ooit onder de zes minuten te duiken. Met zijn wereldrecord van 5.58,52 zette hij zichzelf definitief op de kaart als topfavoriet voor olympisch goud. Die status maakte hij op het olympische ijs volledig waar. In een indrukwekkende race klokte hij 6.03,95, goed voor goud én een nieuw olympisch record.
Het zilver was voor Metoděj Jílek, die eveneens geschiedenis schreef. De Tsjechische schaatser bezorgde zijn land de allereerste olympische schaatsmedaille bij de mannen. Voorheen ging de beste prestatie op deze afstand nog terug tot 1956, toen Vladimir Kolar namens het toenmalige Tsjecho-Slowakije dertiende werd op de 5.000 meter.
In de strijd om het brons trok de Italiaan Riccardo Lorello aan het langste eind. Zijn landgenoot Davide Ghiotto leek lange tijd op weg naar een podiumplaats en stond tot het luiden van de bel nog voor op Lorello. In de slotfase moest hij echter terrein prijsgeven en kwam hij met een tijd van 6.09,57 uiteindelijk drie tienden tekort.
Vanuit Nederlands perspectief bleef succes uit. Chris Huizinga eindigde als zevende en was daarmee de beste Nederlander. Stijn van de Bunt reed naar de negende plaats, terwijl Marcel Bosker genoegen moest nemen met plek elf. Na twee dagen staan de Nederlandse schaatsers daardoor nog altijd met lege handen op deze Winterspelen.
Bekijk de volledige uitslag, de lotingen, uitslagen en meeschrijflijsten op de programmapagina.