Volgens Eefje Raedts, hoofdexpert prestatiegedrag en mentale gezondheid bij NOC*NSF en klinisch psycholoog, is de periode na de Spelen voor vrijwel iedereen intens, ongeacht of er een medaille is gewonnen. “De buitenwereld ziet vaak vooral succes. Maar voor veel mensen is het ook een moment van landen, verwerken en herstellen.”
De Olympische Spelen vervult een unieke context in de sport. Aan de ene kant staan de succesverhalen: medailles, records en nationale trots. Tegelijkertijd vertrekken er ook veel sporters uit het olympisch dorp met een gevoel van teleurstelling. “Dat hoort bij topsport”, zegt Raedts. “De een haalt zijn droomdoel, de ander niet. Die ervaringen bestaan dicht naast elkaar.”
Omdat de prestaties zo zichtbaar zijn, met veel media-aandacht en publieke verwachtingen, kan het contrast extra scherp voelen. Wie zijn doel niet haalt, ziet overal om zich heen de successen van anderen. “Het is vaak heel ‘in your face’. Dat kan lastig zijn.” Daarom is het volgens haar belangrijk dat er niet alleen aandacht is voor winnaars, maar ook voor sporters die teleurgesteld vertrekken.
Tijdens de Winterspelen in Milaan-Cortina was er voor het eerst een teampsycholoog aanwezig voor de volledige Nederlandse ploeg. In die rol hield Raedts zich bezig met het mentale welzijn en de mentale prestatie van sporters, coaches en stafleden. Haar werk begon al ruim voor de Spelen. Ze maakte kennis met teams, legde uit wat haar rol is en zorgde dat mensen wisten waar ze terecht konden.
“Het belangrijkst is dat ik laagdrempelig was,” legt ze uit. “Als het niet nodig was, zorgde ik ervoor dat ik niemand voor de voeten liep. Maar als iemand mij nodig had, wilde ik dat ze mij makkelijk konden vinden.” Gesprekken konden gaan over teleurstelling, spanning binnen een team, blessures of simpelweg de behoefte om even stoom af te blazen. “Soms was het al waardevol dat iemand zijn verhaal kon doen zonder oordeel.” Niet alleen sporters maken hier gebruik van. Ook coaches en stafleden staan onder grote druk. “De aandacht gaat vaak naar de sporters, maar voor coaches geldt hetzelfde. Ook zij moeten presteren en dragen veel verantwoordelijkheid.”
Na een olympische periode waarin sporters wekenlang onder hoge spanning moeten functioneren, volgt vrijwel altijd een periode van herstel. Tijdens de Spelen staan atleten voortdurend ‘aan’: trainen, wedstrijden, media en teamverplichtingen. Wanneer de competitie voorbij is, valt die spanning plots weg. “Na de Spelen hoorde je sporters zeggen: 'Wat is er eigenlijk allemaal gebeurd de afgelopen twee weken?' Toen pas begon het te landen.”
Dit proces van ontladen noemt Raedts mentaal herstel, en dat is voor iedereen nodig, ook voor olympisch kampioenen. Na een periode van extreme focus moet de spanning weer zakken. Voor sommige sporters betekent dat iets totaal anders doen, zoals golfen of wandelen. Anderen zoeken juist rust: thuis op de bank, tijd met familie of aandacht voor studie of werk. “Vaak helpt het om even uit de sportwereld te stappen.”
Opvallend genoeg kan ook succes mentale uitdagingen met zich meebrengen. “Soms hoor je sporters zeggen: 'Mijn doel is bereikt, en nu?' De buitenwereld verwacht dat een kampioen alleen maar gelukkig is, maar voor de sporter zelf kan het moment ook verwarrend zijn. Daarnaast veranderen succes en prestaties de verwachtingen. Waar een sporter eerder onbevangen kon presteren, ontstaat na een grote overwinning nieuwe druk. “Je gaat zelf ook anders naar jezelf kijken. De lat komt hoger te liggen.”
Voor sporters die teleurgesteld zijn, ligt juist een andere valkuil op de loer: meteen door willen gaan en nog harder trainen. “Bij verlies zie je vaak dat mensen direct meer willen doen”, zegt Raedts. “Maar soms is het belangrijk om eerst stil te staan bij wat er is gebeurd.” Teleurstelling hoort bij topsport en mag er volgens haar ook zijn. “Het doet pijn. En dat mag.”
Reflectie speelt daarbij een belangrijke rol. Veel topsporters leven volgens strakke schema’s waarin trainen, rusten en presteren centraal staan. Na een groot toernooi kan het bevrijdend zijn om daar even uit te stappen. “Zelf keuzes maken kan al waardevol zijn”, vertelt Raedts. “Dingen doen die normaal niet in het trainingsschema passen. Zulke momenten lijken klein, maar geven sporters weer een gevoel van autonomie en een identiteit los van de sporter.”
Naast de olympiërs is er nog een groep voor wie de olympische periode zwaar kan zijn: sporters die zich niet hebben gekwalificeerd. Zij hebben vaak net zo hard getraind, maar moeten het toernooi van afstand volgen. Raedts: “dat kan heel pijnlijk zijn.” Ook binnen teams kan dat spanning opleveren, wanneer de een succes viert en de ander teleurgesteld is. Begrip en aandacht voor die situatie zijn volgens haar essentieel.
Soms komen succes en teleurstelling zelfs binnen één relatie samen. Denk aan partners die allebei topsporter zijn, waarbij de één een medaille wint en de ander niet. Raedts: “Dat kan ingewikkeld zijn. Het succes van de een doet niets af aan de pijn van de ander.” In zulke situaties adviseert ze vooral acceptatie. Het is normaal dat emoties botsen. “Soms lukt het even niet om blij te zijn voor de ander. En dat mag.” Door dat te erkennen, bij jezelf en bij elkaar, ontstaat uiteindelijk weer ruimte om elkaar te steunen.
Hoewel de focus meestal op sporters ligt, geldt de mentale impact van de Spelen net zo goed voor coaches. Zij begeleiden sporters door spanningen, dragen verantwoordelijkheid voor prestaties en moeten daarna vaak ook weer hun plek vinden in het gewone leven.
De rode draad in Raedts’ visie, en het programma dat TeamNL Athlete Services voor TeamNL atleten aanbiedt, is dat mentale gezondheid en prestaties onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Het doel is niet alleen medailles winnen, maar ook dat sporters duurzaam kunnen blijven presteren. “Emoties mogen er zijn, of het nu euforie is of teleurstelling.” Juist door ruimte te geven aan die gevoelens kunnen sporters, coaches en teams uiteindelijk weer vooruitkijken.