Toegegeven, ik ben redelijk kind aan huis in Scandinavië. De laatste vijf jaar ben ik meerdere keren per jaar bij dit Nordics kampioenschap geweest en dit jaar werd ik soort van ‘geadopteerd’ door IJsland om quasi voor hen te jureren. Elk land moet namelijk een jurylid leveren en IJsland heeft er geen, althans geen internationale.

Het niveau van deze wedstrijd was een enorm positieve verrassing voor me. Om een indruk te geven: bij de Advanced Novice sprong driekwart van de deelnemers een dubbele Axel en een of meerdere drievoudige sprongen. De Junioren uit IJsland hebben inmiddels hetzelfde niveau als die in Nederland en springen de dubbele Axel redelijk vast.

Eigenlijk is de opmars van de noordelijke landen voor mij niet helemaal onverwacht. Afgelopen vier jaar is in het Finse Viermumäki een ISU Development project voor de Nordics georganiseerd. Meerdere keren per jaar ontmoetten coaches, deelnemers en ook juryleden uit de vijf landen elkaar in een intensief programma, waarbij ook thuis in de eigen trainingsomgeving opdrachten moesten worden uitgevoerd.

Dit programma is inmiddels volledig gedocumenteerd en er gaat een soortgelijk project van start voor centraal Europa, uit te voeren in het Tsjechische Ostrava.

Karen Venhuizen en ik hebben twee jaar geleden nog geprobeerd bij het Nordic Development project aan te haken, maar dat ging niet meer. Zelf hebben we geprobeerd een soortgelijk project te starten voor de landen om ons heen, maar de interesse was helaas te gering.

Op vrijdag was er een evaluatie van het project van de afgelopen vier jaar, waar ik als toehoorder ook bij kon aansluiten. De Nordics stoppen niet met hun goede initiatieven en gaan binnenkort een nieuw projectvoorstel indienen.

Coach Berit Kaijomaa lichtte toe: “Het eerste project was vooral bedoeld voor jonge rijders. We willen nu de stap maken om van die Novice- en Juniorenrijders goede Senioren te maken."

"Ook plannen we veel workshops en samenwerking met de sportuniversiteit over biomechanica en belastbaarheid, fysiek en mentaal stresslevel en programma’s om blessures te voorkomen. Ten slotte willen we meer jongens voor het kunstrijden warm maken, want er moeten in de toekomst ook meer ijsdansparen en paarrijparen ontwikkeld worden”.

Vooral voor dat laatste idee, meer mannen aan het kunstrijden, werden goede suggesties gedaan. Want als jongen in je eentje bij een club kunstrijden, dat werkt niet echt. Je wil andere jongens ontmoeten en samen trainen, wedstrijden rijden en ervaringen uitwisselen.

Finland schijnt al een “Boys Facebook pagina” te hebben. Zweden heeft in augustus een ‘Boys camp’ voor alle niveaus, en Denemarken laat álle jongens die in het land kunstrijden gewoon aan hun landelijke selectie meedoen. Noorwegen tenslotte opperde het idee om meer wedstrijden voor jongens internationaal uit te schrijven.

Het was een inspirerend weekeind voor dit IJslandse jurylid. Ik hoop dat we dit keer wel vroegtijdig aanhaken bij al deze goede initiatieven.

Jeroen Prins is ISU-jurylid, ISU-scheidsrechter, ISU Technisch Controller bij het solorijden en paarrijden en commentator bij Eurosport.