De gebroeders Van ‘t Wout kunnen terugkijken op een succesvol Odido NK Shorttrack, dat in het eerste weekend van 2026 verreden werd in de Elfstedenhal in Leeuwarden. Jens mag zich op alle afstanden Nederlands Kampioen noemen en Melle gaat met twee bronzen medailles naar huis. In februari treden ze samen aan op het hoogste podium. “Het is een kinderdroom die uitkomt voor ons. Ik had niks meer kunnen vragen, mijn seizoen is bijna al compleet”, vertelt de anderhalf jaar jongere Jens. “En nu kijken of we de kers op de taart kunnen krijgen in Milaan.”
Dat ze samen naar de Spelen gaan was, nog niet zo heel lang geleden, allesbehalve vanzelfsprekend. De afgelopen jaren kreeg Melle te maken met een zware knieblessure, die hem twee jaar lang van de ijsbaan hield. Dat hij nu naar Milaan mag, vindt hij moeilijk te bevatten. “Ik durfde niet eens te zeggen dat het een doel was, want daar voelde ik me niet goed genoeg voor. Ik moest nog zo’n grote stap maken.” Dit NK laat Melle zien dat hij weer meedoet met de toppers. “Ik ben beter dan ooit.”
In september merkte Jens plots hoe snel het ging met Melles herstel. “Toen hij ineens tweede werd op de Dutch Open Shorttrack, was dat echt een moment van, holy shit, hij is er weer.” En dat vindt Jens maar wát fijn. De onderlinge rivaliteit maakt beide mannen beter. “Ik battle het liefst met Melle”, vertelt hij. “Het is fijn om te weten dat wanneer wij met zijn tweeën zijn, we er alles aan doen om van elkaar te winnen, zoals op de 1000 meter vandaag. Maar het blijft netjes.”
Jens keek er naar uit om het afgelopen weekend weer op te nemen tegen zijn broer. “Hij zei al sinds Dordrecht dat hij van me wilde winnen op het NK op de 500 meter en hij kwam ook echt elke keer dichterbij op de training.” Hoewel Melle het door een slechte start niet waar kon maken op deze afstand, gaf hij zijn broer samen met Friso Emons flink wat weerstand in de A-finale van de 1000 meter. Jens: “Het is heel leuk om zo te winnen van Melle. Hij ging alleen maar voor plek één, het boeide hem niet. Het was hartstikke mooi.”
Dat de jongens belangrijk zijn geweest voor elkaar de afgelopen tijd, is een understatement. “Ik heb zo veel aan Jens gehad, want ik kan elke dag in de training achter hem aan”, vertelt Melle. “Ik zie dagelijks precies wat ik moet rijden om met de top mee te kunnen. En andersom denk ik dat hij ook energie krijgt van hoe hard hij mij ziet trainen.”
Terwijl Melle voor het eerst aan de Spelen mee zal doen dit voorjaar, is het voor Jens niet meer nieuw. Vier jaar geleden mocht hij in de coronatijd zijn olympisch debuut al maken. “Ik had het er nog met Melle over, want ik heb die Spelen niet eens bewust meegemaakt. Ik was er wel, maar het was gewoon een wedstrijd”, zegt de jongste Van ‘t Wout. “Ik was toen helemaal niet bezig met de Olympische Spelen. Het is nu pas, met Melle, dat we er het hele jaar naar toe zijn gaan werken en daardoor besef ik ook hoe speciaal de vorige Spelen waren.”
Dat de broers gedurende de drie weken een kamer zullen delen, lijkt dan ook niet meer dan logisch. “We zijn zo lang weg. Het is echt een luxe om dan altijd met mijn broer op de kamer te zitten, dan voelt het net alsof je thuis bent”, benoemt Melle. Beide mannen zien in hoe uniek het is om dit samen te beleven. “Af en toe op trainingskamp of op een random middag zeggen we tegen elkaar: Holy shit, we gaan gewoon samen naar de Spelen.”
De uitslagen staan hier