Bij het Nederlands kampioenschap van de C-junioren ontwikkelde ze zich al gauw een felle strijd tussen Stef Brandsen, de Nederlands kampioen Supersprint en Jesse Stam, die vorige weekend nog tweede was geworden op de Vikingrace.

Woerdenaar Brandsen schoot op de 500 meter uit de startblokken en nam met een tijd van 39,45 gelijk een grote voorsprong in het klassement. ‘’Dat was een lekkere race,’’ zegt hij. Jesse Stam werd daar slechts vierde achter Janno Botman en Daan Kool.

Op de 1500 meter zou de strijd beslist worden en moest Stef Brandsen alles geven om zijn grote concurrent voort te blijven. Jesse Stam had immers een snellere 1500 meter in de benen en kon die 2,4 seconde met gemak goedmaken.

 

‘’Die race vond ik wel spannend,’’ zegt Brandsen. ‘’Ik wist dat ik hard moest rijden om Jesse voor te blijven. Ik heb mijn hoofd echter koel gehouden en ik heb mijn eigen race gereden. Bij zo’n race moet je niet teveel nadenken en gewoon kijken waar het schip strandt.’’

Stam won inderdaad de 1500 meter, maar dat was niet genoeg om Brandsen ook te verslaan in het eindklassement. Daarvoor kwam hij op de schaatsmijl een seconde te kort. ‘’Ik baal wel een beetje,’’ meent hij. ‘’Ik weet dat ik die 1500 meter harder had kunnen schaatsen. Ik was nog wel vermoeid van de Vikingrace van afgelopen weekend. Die races voel ik nog in mijn benen.’’

Nu rijden ze het Nederlands Kampioenschap voor C-junioren, maar de twee jongens hebben allebei grotere dromen. Beide schaatsers dromen ervan om ooit op de Olympische Spelen te staan. ‘’Dat zou het mooiste zijn,’’ zegt Brandsen met een grote grijns op zijn gezicht. ‘’Alleen daar kom je niet zomaar. Daar moet je heel lang voor trainen. Dat is toch anders dan wij nu bij de C’tjes doen.’’

Bij de meisjes was Femke Beuling een klasse apart. De 15-jarige schaatsster uit Emmeloord won zowel de 500 als de 1500 meter met grote overmacht en pakte daarmee voor Rachelle van de Griek (2) en Maud Lugters (3) de nationale titel allround. ‘’Dit is de eerste allround-titel die ik win,’’ zegt ze ‘’Dat is wel te gek. Vroeger won ik nooit zoveel en eindigde ik vaak als derde achter Rachelle en Michelle (De Jong). Sinds vorig jaar ben ik pas begonnen met winnen.’’

Waarom ze nu wel haar wedstrijden wint, weet ze niet zo goed: ‘’Ik ben wel sterker geworden en mijn techniek is verbeterd. Maar dat hebben de andere meiden ook gedaan. Ik kan gewoon hard openen en daarmee pak ik gelijk al een grote voorsprong op de rest. Die opening heeft me denk ik de titel bezorgd.’’