Nauwkeurige voorspellingen doen, is nog lastig in deze periode. Ik heb de voorbije weken wel een aantal trainingswedstrijden gezien en op internet uitslagen voorbij zien komen, maar de World Cup in Calgary is het eerste echte meetmoment. Er zal veel duidelijk worden voor ons als buitenstaanders, maar ook voor de rijders zelf. Op dit moment denkt elke shorttracker nog dat ‘ie wereldkampioen kan worden in maart.

Ik ben vooral heel benieuwd waar de Nederlandse relayploegen staan. De aflossing blijft voor mij de beste graadmeter. Wanneer je als team goed presteert dan weet je dat je over vier goede rijders beschikt die stuk voor stuk ook individueel kunnen meekomen op mondiaal niveau.

De mannenploeg is door de blessure van Freek van der Wart een vaste waarde kwijt. Met Sjinkie Knegt en Daan Breeuwsma staat er natuurlijk een sterke basis, maar de ervaring van Freek is bijna niet te vervangen. Afgelopen seizoenen hebben we Itzhak de Laat, Adwin Snellink en andere jongens op de relay gezien als vierde rijder, maar dat was toch een ander soort verantwoordelijkheid.

De Nederlandse vrouwen kunnen wel eens de grote verrassing worden. Daar staat een heel goed team waar maar weinig ploegen tegen willen rijden. Ik ben benieuwd of ze zich kunnen meten met de internationale top.

De komende maanden zal niet alleen in het teken staan van het bouwen van sterke relayploegen, ook barst de strijd los om de individuele plekken op het WK. Nederland kan in Ahoy beschikken over drie individuele startbewijzen bij de mannen en de vrouwen. De eerste twee plekken lijken wel min of meer vast te liggen, maar de strijd om plek drie wordt heel boeiend.

Rijden in een bomvol Ahoy is een gedachte waar elke Nederlandse shorttracker kippenvel bij krijgt. De jongens achter Knegt en Breeuwsma zullen er alles aan willen doen om die plek op te eisen. Ik weet hoe lastig het was om de selectie voor de World Cups in Calgary en Salt Lake City samen te stellen. Bij de mannen liggen de nummers drie tot en met zeven heel dicht bij elkaar.

Ook die spannende strijd gaat zich de komende maanden ontvouwen. Tijdens de eerste World Cups gaan we al voorzichtig kunnen zien hoe de verhoudingen liggen, hoe de rijders uit de zomer zijn gekomen en wie de internationale tegenstanders zijn met wie we rekening moeten houden.

Tegelijk mag je er ook niet te veel afleiden uit de resultaten in Noord-Amerika. In de afgelopen seizoenen heeft bondscoach Jeroen Otter laten zien dat hij heel sterk is in periodiseren. Hij weet als geen ander hoe hij zijn ploeg in maart in topvorm moet krijgen als in Rotterdam de wereldtitels worden verdeeld.