“We hadden niet echt een tactiek”, verklaart de 18-jarige Vonk. “Maar ik weet wel dat ik beter vooraan kan rijden, dan dat ik de groep steeds moet versnellen. Daarom ben ik op kop gaan rijden. Ik wilde bij de laatste vijf overblijven en dan kijken wie er echt kapot zaten.” Ondanks het uithoudingsvermogen van de Nederlandse, waren er uiteindelijk in de benauwde hitte nog net drie frisser.
Eerder werd Vonk ook al vijfde op de punten-afvalkoers op de piste, waarmee ze aantoont dat ze bij de top hoort. En die medaille, die hoopt ze dat er nog komt. Want: “De puntenkoers is eigenlijk mijn favoriete afstand.”
Die afstand staat morgen op het programma. En goed nieuws, het wegparcours ligt haar wel. “Ik ben meestal wel goed behendig in de bochtjes, dus het ging goed. Ik hoop dat er nog een medaille in zit morgen.”
En is het niet dit jaar, dan misschien volgend jaar, want Vonk is pas eerstejaars A-junior. “Ik heb nog even.”