Van een goed beluisterde en vermakelijke podcast met zijn schaatsvriend Bart Veldkamp in 2022 naar een bijna dagelijkse vooruitblik op de olympische langebaanwedstrijd en de onthulling wie er met het goud, het zilver en het brons aan de haal zullen gaan: Ben van der Burg staat te springen van enthousiasme op deze manier de Olympische Spelen van start tot finish en van A tot Z te beleven. Hoe? “Thuis, vanaf de bank. Alles, maar dan ook alles wil ik volgen. Het wordt GEWELDIG!”
Wacht even Ben. Zou je nou niet nóg liever die Spelen helemaal in je eentje in een afgelegen klooster willen zien?
“Wat een goede vraag. Ja, dat zou lekker zijn. Maar weet je waar ik gelijk aan moet denken? Dat ik tijdens de Winterspelen van 2010 in Vancouver met een vriend heb zitten kijken naar de tien kilometer met die wissel van Sven Kramer. Wat er toen gebeurde met me, ik kan het nog niet navertellen, maar ik sprong van de bank en werd compleet gek. Voor het eerst in mijn leven wist ik mijn emoties niet te bedwingen, terwijl nooit zit te juichen of ga meespringen. Zo raar!
“Stel je dan voor dat ik alleen in zo’n klooster aan de buis gekluisterd zou zitten, dan zouden er gekke dingen gebeuren hoor. Maar goed, waar ik op hoop is dat er legendarische gouden medailles zullen komen. Zoals die 1.52,06 van de Oost-Duitser Andre Hoffmann in 1988, waarvan jij denkt dat die niet legendarisch was. Nou, onder de schaatsers was dat een legendarische 1500 meter, omdat hij precies voorspelde met welke tijd hij zou openen en welke rondetijden er zouden volgen. Natuurlijk, ook die winst van Mark Tuitert in Vanvcouver leek erop, al was het belachelijk dat hij eerste werd: dat was een wonder van de eerste orde.”
Ik zie vanuit Nederlands perspectief maar één mogelijke legende: Kjeld Nuis op de 1500 meter.
“Daar heb je gelijk in. Wat een koning is dat. Echt, het zou zo gaaf zijn als…” Ben onderbreekt zichzelf. “Maar ja, ach, die Stolz is veel te snel.”
Naar welke Nederlandse deelnemer ben je het meest benieuwd?
“Ik ben naar heel veel dingen nieuwsgierig. Wat zal Joy Beune nu doen op de drie kilometer? Kijk, die 1500 meter had ik haar al gegeven. Het was de laatste maand een kwestie van ik moet nog wat rondjes doorbeuken. Naar Nuis ben ik wat minder nieuwsgierig, want ik denk dat hij het niet meer redt. Marijke Groenewoud, zal zij zo meteen wél de topvorm te pakken hebben? Ze is zo onregelmatig. En pakt ze dan drie of vier gouden medailles? Heerlijk toch, dat ik dat mag voorspellen. Oh ja, die Sander Eitrem, wat komt van hem terecht? Hoe vaak komt het nou voor – of is hij zoveel beter dan de rest, en dat geloof ik niet – dat iemand zo’n wonderrace rijdt en dat twee weken later opnieuw moet doen. Wow, dat is echt moeilijk. De druk die op hem staat, de verwachtingen die hij zelf heeft. Dus ik denk dat ik Eitrem wel op 1 zet, al kan ik er volledig naast zitten.”
Tot slot nog een kwestie. Even teruggaan naar 2022, toen Brittany Bowe haar startbewijs op de 500 meter aan Erin Jackson afstond omdat ze meende dat die er meer recht op had en een grotere kans op een medaille. Jackson (die zich niet via de Amerikaanse trials had geplaatst voor de Spelen maar wel zeer succesvol was in het seizoen) werd vervolgens olympisch kampioen. Wij hebben een soortgelijke kwestie op de 1500 meter vrouwen. Antoinette Rijpma-de Jong, Marijke Groenewoud en Femke Kok rijden die afstand. Veruit de beste rijder van deze jaargang op de 1500 meter, Joy Beune, blijft aan de kant, na de blooper op het OKT.
Wie van de drie zou haar startbewijs moeten afstaan aan Joy?
“Vooropgesteld: ik vind dat dat zou moeten gebeuren. Van Antoinette mag je dat niet vragen, want zij won de 1500 meter op het OKT. Je zou met die andere twee lootjes kunnen trekken, maar ik denk dat Kok haar plaats moet afstaan omdat zij echt geen goud zal winnen. Zeker niet als ze al goud wint op de 500 en 1000 meter. Misschien moeten we een petitie starten om Kok van de 1500 meter af te halen….”
Op de shorttrackpiste in Milaan moeten we het stellen zonder de bloedstollende capriolen van de man met het onvergetelijke uitschuifbeen, of zijn onnavolgbare passeerbewegingen; Sjinkie Knegt is afgezwaaid en gebruikt de tijd momenteel om het nieuwe leven een leuke invulling te geven. Daarin is zeker tijd om zijn licht te laten schijnen over de negen olympische finales die ons staan te wachten tussen 9 en 21 februari, de periode waarin de shorttrackers van Nederland (m en v) op de 500, 1000, 1500 meter en de drie relayonderdelen een gooi doen naar de medailles en eeuwige roem.
Hij ziet er daarom wel de lol van in om gedurende het shorttracktoernooi zijn mening te delen over de wedstrijden en de kansen van TeamNL. De NOS bijvoorbeeld had graag een beroep gedaan op zijn kennis. “Het probleem was het verkrijgen van een accreditatie. Dat werd een heel gedoe en daarom is dat niet doorgegaan. Maar ik ben wel aanwezig op de Spelen, als liefhebber en als kenner van de sport. De eerste week van de Spelen verblijf ik nog in de sneeuw – wintersport in Morzine - daarna ben ik in Milaan.” Op de lange latten of niet, de focus blijft op dat kleine baantje waarop Knegt zo succesvol is geweest.