Nu het coronavirus de nationale schaatskalender op de schop heeft gegooid, vinden de Nederlandse kampioenschappen allround en sprint voor het eerst sinds het seizoen 2014/2015 weer los van elkaar plaats. Als eerste komen de allrounders komend weekend in actie bij het Daikin NK Allround en een week later zijn de sprinters aan de beurt bij het Daikin NK Sprint. De alleskunners kunnen dus aan de bak. "Mooi dat we twee volle weekenden kunnen schaatsen."

In een seizoen waarin vrij weinig zekerheden zijn, is het 'pakken wat je pakken kunt', vinden Ireen Wüst, Jorien ter Mors en Marijke Groenewoud. De drie schaatssters verschijnen komend weekend aan de start van het Daikin NK Allround en komen een week later in actie bij het Daikin NK Sprint. Zij zijn de enige schaatsers (mogelijk voegt Melissa Wijfje zich nog in dit rijtje) die van de mogelijkheid gebruik maken om beide kampioenschappen te rijden. Sinds het NK Allround en NK Sprint zijn samengevoegd in één weekend, bestond die mogelijkheid niet meer.

De intrede van het coronavirus heeft er echter voor gezorgd dat de KNSB de kalender voor dit jaar heeft aangepast, waardoor het Daikin NK Allround en het Daikin NK Sprint dit jaar niet in hetzelfde weekend zullen plaatsvinden. Goed nieuws voor alleskunners als Wüst, Ter Mors en Groenewoud, die door deze verplaatsing aan beide kampioenschappen kunnen deelnemen. "We mogen sowieso al heel blij zijn dat we in deze tijden kunnen schaatsen. Als je dan de kans krijgt om ze allebei te rijden, ga je niet bij één van de twee thuis op de bank zitten", vertelt Wüst telefonisch.

Toch was het allesbehalve vanzelfsprekend dat de 34-jarige Brabantse in haar carrière nog een NK Allround zou rijden. "Ik had het allrounden na het WK in Hamar eigenlijk al vaarwel gezegd", geeft ze aan. "Met het oog op de Olympische Spelen, mijn laatste kunstje, wilde ik mij in de laatste twee jaar van mijn carrière specialiseren op de 1000 en 1500 meter. Nu de coronapandemie ervoor gezorgd heeft dat er dit kalenderjaar geen World Cups verreden worden, vind ik dat ik als wereldkampioene allround aan mijn stand verplicht ben om mee te doen aan het NK Allround."

Foto : Soenar Chamid

Sinds haar nationale titel in 2015 stond Wüst niet meer aan de start van een NK Allround. De viervoudig kampioene (ze won het NK Allround in 2007, 2008, 2009 en 2015) vond een trainingsweek in aanloop naar een WK belangrijker dan een NK waar voor haar niets meer op het spel stond. Haar laatste deelname aan een NK Sprint dateert uit 2017 (dat was tevens de enige keer dat ze het NK Sprint won). "Voor mij is de combinatie niet iets nieuws", stelt Wüst, die in 2007 vlak na haar titel bij het WK Allround tweede werd op het WK Sprint. "Over het algemeen herstel ik snel, dus twee NK's binnen zeven dagen moet ik wel aan kunnen."

Specialiseren
Terwijl Wüst weet wat haar te wachten staat, is het voor Ter Mors een hele nieuwe ervaring. De 30-jarige Enschedese, die één keer aan een NK Allround en één keer aan een NK Sprint deelnam, combineerde de toernooien nog nooit. Dat ze nu beide toernooien in één seizoen rijdt, komt met name door de huidige coronaperiode. "Nu we geen World Cups rijden, is het mooi dat we alsnog twee volle weekenden kunnen schaatsen", vertelt Ter Mors telefonisch. "Als ik niet op de startlijst had gestaan, had ik ook geen aanwijsplaats aangevraagd, maar nu hadden we zoiets van: waarom ook niet?"

De voormalig wereldkampioene sprint ziet beide NK's dan ook vooral als een opstap naar het WK Kwalificatietoernooi van eind december, waar ze zich op de 1000 en 1500 meter hoopt te plaatsen voor de internationale toernooien. "Door aan het NK Allround mee te doen, kan ik mooi een 1500 meter in wedstrijdverband rijden. Dat is toch wat anders dan een trainingswedstrijd", lacht Ter Mors, die opmerkt dat steeds minder mensen 'de dubbel' rijden. "Het is niet meer zo gebruikelijk; tegenwoordig specialiseert iedereen zich. Het wordt steeds moeilijker om op beide onderdelen goed uit de voeten te kunnen."

Hoe haar lichaam beide toernooien gaat verteren, vindt ze lastig te zeggen. "Ik heb weinig ervaring met allroundtoernooien", vervolgt Ter Mors, die na haar succesvolle debuut in 2013 nooit meer aan een dergelijk vierkamp deelnam. "Of ik daar spijt van heb? Nee. Na de Spelen van Sotsji in 2014 raakte ik overtraind. Toen ik terugkeerde reed ik voornamelijk 500 en 1000 meters, omdat mijn lichaam de langere afstanden trainingstechnisch gezien nog niet aan kon. Zodoende ben ik in de kortere afstanden gegroeid en dat vind ik ook leuk. Ik heb nooit de ambitie gehad om een goede 3 en 5 kilometer te rijden."

Foto : Sander Chamid

Aanwijsplaats
Naast Ter Mors en Wüst doet ook Marijke Groenewoud mee aan beide kampioenschappen. De 21-jarige rijdster van Team Zaanlander had zich aanvankelijk alleen geplaatst voor het Daikin NK Sprint, maar na een succesvolle Daikin NK Afstanden (Groenewoud werd vijfde op de 1000 en 1500 meter en noteerde drie persoonlijke records) besloot haar ploeg een aanwijsplaats aan te vragen voor het Daikin NK Allround. Met succes, want de KNSB honoreerde het verzoek en zette Groenewoud op de deelnemerslijst. "Supermooi dat ik ze allebei mag rijden", vertelt ze trots.

"In deze periode is het sowieso pakken wat je pakken kan. Heel veel sporten liggen vanwege de corona stil, dus dan mogen we überhaupt al blij zijn dat we mogen rijden. Als je dan de kans krijgt om beide toernooien te rijden, moet je die kans ook aangrijpen", vertelt de Friezin, die nog nooit eerder deelnam aan een dergelijk NK. "Of dat niet te zwaar wordt? Nee, ik denk dat ik daar wel goed doorheen kom. Een weekje herstellen en dan kunnen we gaan sprinten", zegt ze lachend.

Groenewoud, die de 1000 en 1500 meter als mooiste afstanden beschouwt, ziet de komende twee weekenden als een ontdekkingsreis om te kijken welk toernooi haar beter ligt. "Het allrounden zou me wel moeten liggen, maar ik heb nog nooit een 5 kilometer gereden en sinds vorig jaar geen 3 kilometer. Ik ben dan ook heel benieuwd wat ik op de 3 kilometer kan." Bij het NK Sprint moet ze het vooral van haar 1000 meter hebben, weet ze. "Op de 500 meter kom ik nog tekort tegenover de echte specialisten. Op de 1000 meter kan ik dan wel wat goed maken, maar dat is nooit genoeg om iedereen in te halen."

Foto : Soenar Chamid

Voor Wüst geldt nagenoeg hetzelfde. "Nee, ik heb ook niet de illusie dat ik kan winnen. Er zijn vier meiden (Jutta Leerdam, Femke Kok, Jorien ter Mors en Letitia de Jong) die op de 500 meter een 37'er kunnen rijden en op de 1000 meter een 1.14 of sneller. Dat laatste kan ik ook, maar een 37'er gaat hem voor mij niet worden", is ze realistisch. "En het NK Allround? Ik ga er natuurlijk alles aan doen om te winnen, maar ik denk dat er andere favorieten zijn die dit jaar al eens een 5 kilometer hebben gereden. Daarnaast heb ik elk jaar m'n tijd nodig om in een seizoen te groeien, dus zal het heel lastig worden."

Femke Kok (NK Sprint), Joy Beune (NK Allround), Antoinette de Jong (NK Allround), Koen Verweij (NK Allround), Thomas Geerdinck (NK Sprint) en Louis Hollaar (NK Sprint) mochten ook aan beide kampioenschappen meedoen, maar besloten zich te focussen op één toernooi. Melissa Wijfje en Robin Groot staan vooralsnog voor beide toernooien ingeschreven.

Door Rijcko Treep - Laatste update op 24 nov om 20:43