De eerste piek ligt pas bij het World Cup kwalificatietoernooi, maar voor Patrick Roest is dat geen reden om zich aan het begin van het seizoen in te houden. De 23-jarige Lekkerkerker maakte zijn concurrenten tijdens de eerste trainingswedstrijden meteen duidelijk dat ze komend seizoen van goeden huizen moeten komen. "Ik wil vanaf nu alleen maar beter worden."

Als Roest plaatsneemt op de bank in het Chiemgauer Hotel in Inzell kan hij een glimlach niet onderdrukken. Nadat hij vorige week in Heerenveen al een wereldrecord laagland liet noteren op de 3000 meter maakte hij een week later in Inzell veel indruk op de 5000 meter. Met een tijd van 6.08,69 was hij de snelste Nederlander ooit in de Max Aicher Arena op deze afstand. Alleen de Noor Sverre Lunde Pedersen was vorig jaar tijdens de WK Afstanden (6.07,16) sneller. 

"Die tijd was nog iets te hoog gegrepen", zegt Roest eerlijk. "Maar al met al was het een lekker ritje. Ondanks dat ik vrij hard begon, kon ik de rondetijden mooi vlak houden. Het was mijn doel om verder te gaan met waar ik vorig jaar geëindigd was en dat is goed gelukt. Nu wil ik deze vorm doortrekken naar de rest van het seizoen en eigenlijk alleen maar beter worden. Dat het nu al zo goed gaat, is lekker voor het zelfvertrouwen richting het World Cup kwalificatietoernooi."

Foto : Soenar Chamid

Uitzonderlijk
Roest weet inmiddels hoe het is om de lat aan het begin van het seizoen hoog te leggen. Vorig jaar liet hij bij zijn eerste wedstrijd meteen een baanrecord in Thialf noteren op de 3000 meter en zag hij zijn niveau richting het einde van het jaar alsmaar toenemen. Het World Cup kwalificatietoernooi was met drie overwinningen 'uitzonderlijk' en tijdens de NK Afstanden eind december pakte hij op de 5 kilometer zijn eerste nationale titel door in een rechtstreeks gevecht Sven Kramer te verslaan. "Het was heel mooi om in een vol Thialf tegen Sven te mogen strijden."

Diezelfde Kramer gaf hem een paar weken later klop op het EK Allround in Collalbo. Hoewel Roest voor het eerst in zijn carrière werd bestempeld als titelfavoriet, kon hij niets anders dan zijn meerdere erkennen in zijn oudere ploeggenoot, die op het buitenijs van Collalbo zijn tiende Europese allroundtitel pakte. "Hij was over het hele weekend gezien gewoon beter. Natuurlijk kwam ik om te winnen, maar ik wist dat er op dat moment niet meer in zat dan zilver. Bovendien is het geen schande om te verliezen van Sven."

Bij de WK Afstanden halverwege februari in Inzell greep Roest twee keer net naast een gouden medaille. Op de 5000 meter moest hij Pedersen voor zich dulden en op de 10.000 meter legde hij het af tegen Jorrit Bergsma. "Het was niet dat ik halverwege het jaar slechter werd, maar de rest werd gewoon beter", vervolgt Roest. "Het is vorig jaar twee keer minder gegaan, maar wat is minder? Als je tweede wordt op een EK en twee keer tweede wordt op een WK zeggen mensen dat het minder gaat. Aan het begin van het seizoen had ik er meteen voor getekend."

Foto : Soenar Chamid

Schaatsheld
Het hoogtepunt van zijn seizoen beleefde Roest begin maart in Calgary toen hij voor de tweede keer wereldkampioen allround werd. Een jaar na de valpartij van Pedersen had Roest hem dit keer écht zelf gewonnen. "Het is heel fijn om direct na Amsterdam de wereldtitel te winnen en te laten zien dat ik echt de beste was zonder dat er gekke dingen gebeurden. Bij de laatste 10 kilometer wist ik al dat het goed zat, maar je wil natuurlijk wel een mooie tijd neerzetten."

Bij de afsluitende 10 kilometer kreeg Roest zelfs nog een beetje hulp van zijn ploeggenoot Kramer, die wist dat hij geen kans meer maakte op een gouden medaille. Roest kon lang gebruik maken van de snelheid van de viervoudig olympisch kampioen en reed uiteindelijk zeven rondjes voor het einde van hem weg. "Ik vond het heel mooi dat Sven dat deed. Vroeger keek ik tegen hem op en was hij de schaatsheld. We kennen elkaar inmiddels ruim vier jaar en doordat we elkaar steeds uitdagen, worden we allebei beter."

Qua populariteit komt Roest nog lang niet in de buurt van zijn tien jaar oudere ploegmakker. "Sven is een schaatsicoon, hij heeft zo bizar veel gewonnen. Als mensen aan schaatsen denken, noemen ze hem als eerste. Dat hij vaker wordt herkend dan ik, vind ik dus niet zo gek. Of ik ook een schaatsicoon wil worden? Het is natuurlijk wel een eer, maar als ik net zoveel zou moeten winnen als Sven moet ik nog wel even door."

Foto : Huub Snoep

Erelijst
Met twee wereldtitels, twee olympische medailles en een nationale titel is de erelijst van Roest al behoorlijk gevuld. Hij is erg trots op zijn cv, net als op het feit dat hij sinds afgelopen maart de Adelskalender aanvoert. Dat hij zich in een paar jaar tijd zo snel heeft ontwikkeld, verbaast hem zelf ook wel een beetje. "Het is best snel gegaan. Tijdens mijn eerste seizoen bij de senioren maakte ik wel progressie maar reed ik geen World Cups. Het jaar erop plaatste ik me net niet voor het WK Allround en was ik vaak reserve. In het pre-olympische seizoen had ik het gevoel dat ik voor het eerst mee kon doen om de podiumplekken", aldus Roest.

Hij plaatste zich in 2017 voor het eerst voor het WK Allround in Hamar en pakte daar tot zijn eigen verbazing een zilveren medaille. Het olympische seizoen begon daarentegen met een fikse tegenvaller (Roest brak zijn pols en onderarm tijdens een fietsrit) maar Roest geraakte precies op tijd fit. Tijdens het OKT verzekerde hij zich van een olympisch ticket op de 1500 meter. "Ik had nooit gedacht naar de Spelen te gaan, laat staan dat ik op de Spelen een zilveren medaille op de 1500 meter zou gaan winnen. Dat was echt bizar. Nee, dat het zo snel zou gaan, had ik niet verwacht."

Komend seizoen gaat Roest er alles aan doen om zijn wereldtitel in Hamar te verdedigen. Bij de WK Afstanden in Salt Lake City hoopt de alleskunner ook op mooie resultaten. "Ik wil dit jaar op alle WK's het beste van mezelf laten zien, dat was vorig jaar jammer genoeg niet helemaal gelukt", stelt een ambitieuze Roest, die zich niet bezighoudt met wereldrecords. "Een wereldrecord is iets heel bijzonders, maar het hangt vooral van de vorm en het ijs af."

Dat hij van buitenaf tegenwoordig wordt gezien als één van de favorieten, vindt hij alleen maar mooi om te horen. Toch interesseert het hem niet zoveel wat mensen dit seizoen van hem verwachten. "Ik wil zelf ook gewoon hard rijden en laten zien dat het niet één seizoen was dat ik tot zulke dingen in staat was."

Door Rijcko Treep - Laatste update op 17 okt om 10:26