Bijna een jaar nadat hij een zware knieblessure opliep, maakt Jasper Brunsmann dit weekeinde mogelijk zijn rentree in wedstrijdverband. De 21-jarige shorttracker werkte de afgelopen maanden vastberaden aan zijn herstel, maar wil zichzelf niet te veel druk opleggen voor de Invitation Cup. "Als ik me goed voel, dan ga ik schaatsen."

In februari stond Brunsmann al even op het ijs van Thialf, om toch nog het gevoel te krijgen met het team te zijn. "Maar dat was op ijshockeyschaatsen", vertelt hij in een videogesprek. De terugkeer op de shorttrackijzers maakte de Fries in juni tijdens het trainingskamp in het Franse Font Romeu. "In de eerste week moest ik er nog wat inkomen, maar de twee weken daarna ging het goed. Het voelde alsof ik een maand niet had geschaatst. Maar het waren toch echt zeven maanden."

Begin november vorig jaar bij de KNSB Cup in Utrecht werd Brunsmann meegenomen in de val van Sven Roes, waarna diens ijzer vol in de linkerknie van Brunsmann kwam. Waar aanvankelijk werd gedacht aan 'slechts' een botbreuk, bleken het kapsel en twee pezen kapot te zijn en er is een stukje dijbeen afgebroken. "Na de operatie werd ik met zoveel pijn wakker uit de narcose. Elke avond nam ik pijnstillers en 's ochtends werd ik letterlijk wakker van de pijn. Dat heeft twee maanden geduurd. Ik heb nu nog steeds dagelijks pijn, maar hoop wel dat het ooit verdwijnt."

Leren lopen
Na anderhalve maand liggend op de bank te hebben doorgebracht, moest Brunsmann eerst weer leren lopen. "In het begin zag dat er raar uit, want ik liep met een stijf been en kon mijn knie niet buigen. Het is vervelend om niet te kunnen doen wat je kon. Dat is mentaal het zwaarst. Je moet elke dag kijken wat je met je knie kunt doen. Ik was gewend om op de training te komen, mijn ding te doen en het beste eruit te halen. Het revalideren was eigenlijk hetzelfde, maar dan op een wat lager niveau vanwege de knie."

Tijdens zijn revalidatietraject hield Brunsmann zijn conditie op peil op een hometrainer, maar de kracht en het uithoudingsvermogen van de sport kan hij vanzelfsprekend alleen terugkrijgen door te schaatsen. "Ik weet hoeveel druk er met shorttrack op die knie komt te staan en vraag me elke dag af of ik die knie weer zo kan gebruiken en of ik ooit terugkom op het niveau zoals het was", vertelt hij. "Ik heb deze week voor het eerst weer een rondje 8,3 gereden. Dat geeft de burger moed, haha."

Dat het coronavirus roet in het eten gooit wat betreft de wedstrijdkalender komt voor Brunsmann eigenlijk niet verkeerd uit. Vorig seizoen zat de nationale ploeg rond deze tijd een aantal weken in het buitenland in aanloop naar de World Cups. "Als dat nu ook was doorgegaan, had ik mezelf misschien meer druk opgelegd om alsnog sneller fit te worden. Voor de rest van het team is het frustrerend dat er geen wedstrijden zijn, maar voor mij is het wel fijn dat ze hier in Heerenveen zijn. Nu doe ik hetzelfde als in het begin: herstellen en met de knie bezig zijn."

Geen druk
"De pezen gaan niet sneller herstellen dan de tijd die ervoor staat", vervolgt hij. "Die tijd moet ik ook geven, anders heb ik er alleen maar langer last van. Ik probeer de combinatie te vinden tussen de knie genoeg prikkels te geven om die te trainen en niet te veel te belasten, en genoeg rust te geven om te laten herstellen. Dat is mijn uitdaging nu. Ik wil heel graag snel schaatsen, maar moet eerst dit goed op een rijtje hebben."

"Deze blessure heeft mij ook wat verstand bijgebracht", grijnst de 21-jarige shorttracker. De man uit Oppenhuizen stond erom bekend meer een wedstrijd- dan een trainingsbeest te zijn en had vroeger weleens moeite om de motivatie op te brengen bij een training. "Als een training slecht ging, hoefde ik de beelden ook niet terug te zien. Maar nu denk ik: wat ging er slecht? Want ik wil dat het morgen beter gaat."

In eerste instantie stond de KNSB International Invitation Cup, die dit weekeinde in Thialf wordt verreden, als stip op de horizon. Maar de gedachte dat hij er dan weer moet staan, heeft hij inmiddels losgelaten. "Als ik me vrijdag goed voel, dan ga ik schaatsen. Maar als ik in de warming-up merk dat het gewoon niet wil, dan doe ik het niet." Voor het echte wedstrijdgevoel hoeft Brunsmann het niet te doen. "Zo'n wedstrijd is niet veel anders dan meetrainen met het team. Het is geen World Cup. Ik wil mezelf ook niet te veel druk opleggen, want het kan dan alleen maar tegenvallen."

Door Anjuli Veltman - Laatste update op 22 okt om 17:30