Komend weekend staat alweer het tweede grote schaatstoernooi van het seizoen op het programma. In Thialf strijden de allrounders bij het Daikin NK Allround om de nationale titels én een ticket voor het EK Allround. In aanloop naar het Nederlands kampioenschap kijken we terug op de kampioenschappen van de afgelopen vijftien jaar bij de vrouwen.

2005: Moniek Kleinsman
Moniek Kleinsman boekte in het seizoen 2004/2005 haar eerste en enige nationale allroundtitel. Tijdens de vierkamp in Thialf won ze de 3 en de 5 kilometer, waardoor ze Renate Groenewold en Ireen Wüst, die op de tweede dag de 1500 meter had gewonnen, in het eindklassement achter zich hield. Voor de 18-jarige Wüst was het de eerste keer dat ze op het podium eindigde bij de senioren.

2006: Wieteke Cramer
Met de Olympische Spelen van Turijn in aantocht, lieten veel schaatssters het NK Allround in 2006 schieten. Wieteke Cramer was wel van de partij en zij won haar eerste nationale titel door maar liefst alle vier de afstanden te winnen. De Friezin ging goed om met de teleurstellende mededeling dat ze uiteindelijk toch niet naar Turijn mocht, aangezien Barbara de Loor een supernominatie op de 1000 meter had aangevraagd. De Loor won de skate-off van Paulien van Deutekom en mocht in de plaats van Cramer naar de Spelen.

2009: Ireen Wüst
In het seizoen 2006/2007 gleed Ireen Wüst naar haar eerste nationale allroundtitel, mede dankzij haar zeer snelle 500 en 1500 meter. Ook in de jaren daarna was de Brabantse de sterkste, al ging het na afloop van het NK uit 2009 niet zozeer over haar derde titel op rij, maar over de diskwalificatie van Renate Groenewold. De rijdster uit Dalen werd na afloop van de afsluitende 5 kilometer gediskwalificeerd, omdat ze volgens de scheidsrechter haar teamgenote (Wüst) geen voorrang zou hebben verleend en haar zou hebben gehinderd.

Zowel Groenewold als Wüst begrepen niets van de beslissing van de jury. "Die scheidsrechter snapt er geen bal van. Ik liet juist bewust een slag lopen om in de slipstream van Renate te komen", vertelde een geïrriteerde Wüst. Volgens Groenewold had de scheidsrechter meer in de geest van de wedstrijd moeten beslissen. "Ik dacht eerst dat ik een blokje had weggetrapt of zo. Nee, dit is een gigantische domper op een goed weekeinde." Door de uitsluiting van Groenewold ging de zilveren medaille naar Elma de Vries.

2010: Elma de Vries
Een jaar na haar verrassende zilveren medaille op het NK Allround veroverde marathonspecialiste Elma de Vries de gouden medaille. Bij afwezigheid van Ireen Wüst, die het toernooi vanwege het late tijdstip oversloeg, was De Vries de meest constante rijdster. In het klassement bleef de marathon- en inlinespecialiste Jorien Voorhuis en Marrit Leenstra voor.

2012: Marrit Leenstra
Marrit Leenstra kon op alle afstanden goed uit de voeten en dat bleek wel toen ze een week voordat ze haar tweede titel op het NK Allround veroverde nog meedeed aan het WK Sprint in Calgary (achtste). Binnen vijf dagen moest ze niet alleen duizenden kilometers en een tijdsverschil van acht uur overbruggen, maar ook 'overstappen' naar een andere discipline: het allrounden. Leenstra, momenteel woonachtig in Italië, leek er geen moeite mee te hebben en versloeg Linda de Vries en Jorien Voorhuis. In 2011 was ze ook al de beste.

2013: Jorien ter Mors
Jorien ter Mors was in de beginperiode van haar carrière vooral shorttrackster. Om te voorkomen dat ze in een sleur belandde, besloot ze naast het shorttracken ook uitstapjes naar de langebaan te maken. Na een succesvolle start bij de NK Afstanden in 2012 (waar ze als eerste shorttrackster een medaille pakte) liet ze bij haar eerste deelname aan het NK Allround begin 2013 zien dat ze ook goed kon allrounden. Ter Mors begon het titeltoernooi met een tweede plaats op de 500 meter achter Ireen Wüst.

Vervolgens toonde de Enschedese zich de sterkste op zowel de 3 kilometer (4.03,91), 1500 meter (1.56,34) en de 5 kilometer (7.06,79). Vooral de zege op de schaatsmijl was een grote surprise omdat ze op die afstand de regerend olympisch kampioene Wüst in een direct duel versloeg. "Ik heb nog zo weinig ervaring in het langebaanschaatsen", zei ze na afloop van het toernooi. "Ik leer elke keer weer. Hoe ik bijvoorbeeld mijn race opbouw of qua techniek. Dit smaakt zeker naar meer."

2014: Yvonne Nauta
Voor het eerst was het Olympisch Stadion in Amsterdam het decor van een schaatstoernooi en dat leverde naast mooie beelden ook veel spectaculaire races op. Yvonne Nauta liet het weekend zien het beste met de omstandigheden te kunnen omgaan. De inmiddels gestopte langebaanschaatsster versloeg op het NK in Amsterdam Diane Valkenburg en Irene Schouten. Volgens Nauta was het winnen van het NK Allround één van de hoogtepunten uit haar carrière.

"Het was één groot feest. Voor veel mensen was het een rotwedstrijd, maar ik kon op de een of andere manier altijd goed rijden in de open lucht. Het was mijn eerste en uiteindelijk enige allroundtitel en die zal ik niet meer vergeten." Voor Nauta was de nationale titel bovendien een mooie opsteker na haar teleurstellende optreden op de Olympische Spelen in Sotsji. Daar eindigde ze op een zesde plaats op de 5000 meter. "Ik heb laten zien dat ik het toch wel kan."

2015: Ireen Wüst
Ogenschijnlijk gemakkelijk sleepte Ireen Wüst haar eerste allroundtitel sinds 2009 in de wacht. Maar zo eenvoudig was dat niet, benadrukte ze. "Van tevoren lijkt iedereen te denken dat ik die titel wel even zal ophalen, maar ik mag ook geen steken laten vallen." Voor Wüst betekende het NK een mooie afsluiter van een topjaar uit haar carrière, waarvan de 3 kilometer bij de Olympische Spelen in Sotsji het absolute hoogtepunt vormde.

Marrit Leenstra, een van de grootste uitdagers van Wüst, liep voordat het toernooi goed en wel was begonnen al tegen een diskwalificatie aan. De Friezin zou bij de start van de 500 meter met haar schaats over de lijn zijn gegaan. "Een domme fout", zei ze. "Dit is me volgens mij nog nooit overkomen. Ik sta normaal gesproken eerder te ver achter de lijn. Ik had niet het gevoel dat ik vooruit gleed voor de start, dus ik heb geen idee waarom dit nu gebeurde."

2017: Marije Joling
"We weten al wie er kampioen wordt", dachten de deelnemers voorafgaand aan het NK Allround in het seizoen 2016/2017. Jorien ter Mors was namelijk de gedoodverfde favoriet en na de 500 meter was haar voorsprong op haar concurrentie dan ook riant. Toch besloot de Enschedese na deze afstand het vierkamp te verlaten, waardoor de strijd ineens weer helemaal open was. Na de eerste dag stond Marije Joling bovenaan het klassement en die voorsprong hield ze op de tweede dag ternauwernood vast.

Voormalig kampioene Yvonne Nauta kwam op de afsluitende 5 kilometer in een 1-tegen-1 gevecht nog heel dicht bij de Nederlandse titel, maar Joling gaf de zege niet meer uit handen. Voor Joling was de titel een mooie opsteker voor haarzelf en voor Team Victorie. "Na de NK afstanden hebben we als ploeg wel even in de put gezeten, we grepen overal net naast", zei de Drentse. "Dit is een heel fijn goedmakertje voor de rest van het seizoen." Team Victorie hield echter niet veel later op te bestaan.

2018: Annouk van der Weijden
In het seizoen 2017/2018 glorieerde Annouk van der Weijden. De inmiddels kersverse moeder had zich eerder in het seizoen al geplaatst voor de Olympische Spelen van Pyeongchang en gebruikte het NK Allround als voorbereiding op dat toernooi. Zonder Ireen Wüst, Antoinette de Jong, Marije Joling, Yvonne Nauta en Carlijn Achtereekte zegevierde Van der Weijden op de 500, 3000 en 5000 meter en won ze haar eerste grote prijs. "Dit is een heel bijzondere dag. Ik doe al jaren mee, maar nog nooit heb ik een échte hoofdprijs gewonnen. Vandaag is het eindelijk zover."

2019: Carlijn Achtereekte
Tot het NK Allround van 2019 was de olympische titel op de 3000 meter de enige grote prijs die Carlijn Achtereekte had gewonnen. Op het NK vocht ze een mooie strijd uit met ploeggenote Joy Beune en mede dankzij een sterke 5 kilometer trok Achtereekte uiteindelijk aan het langste eind. Dat ze geen enkele afstandsoverwinning boekte, vond ze jammer, maar geen ramp. "Het gaat om de titel en die is binnen."

De strijd om het brons was bijna net zo spannend als de strijd om het goud. Melissa Wijfje had de beste papieren voor het brons, maar dankzij een baanrecord op de 5 kilometer stootte Esmee Visser haar inmiddels nieuwe ploeggenote met een minimaal verschil van het podium. Voor Visser was de bronzen medaille een mooi verjaardagscadeau. "Na de 500 meter was ik niet heel erg blij, maar uiteindelijk is het toch nog een leuk toernooi geworden", glunderde ze.

2020: Antoinette de Jong
Twee keer was Antoinette de Jong de beste allroundster van het land en twee keer zat er een bijzonder verhaal achter de titel. Bij het NK in het seizoen 2015/2016 nam ze revanche op het seizoen daarvoor, toen ze bij Team Clafis in een diep dal terecht kwam en op het NK Allround niet eens de afsluitende 5 kilometer haalde. "Een jaar geleden zat ik thuis te huilen en nu heb ik tranen van blijdschap", zei De Jong toen.

De tweede titel betekende misschien nog wel iets meer, vertelde De Jong afgelopen januari. Na het teleurstellend verlopen NK Afstanden eind december (De Jong wist zich op geen enkele afstand te plaatsen voor de EK en WK Afstanden) zat ze er even helemaal doorheen en moest ze zichzelf een schop onder de kont geven. Ze koos ervoor om het NK Allround (ze had zich immers al geplaatst voor het WK Allround) te rijden om het goede gevoel op het ijs terug te krijgen. Met twee eerste en twee tweede plaatsen op de afstanden slaagde ze daarin. "Ik ben trots dat ik mezelf herpakt heb."

Door Rijcko Treep - Laatste update op 24 nov om 20:43