Regionaal talentencentrum Noordwest was in 2014 een van de eerste RTC’s die geaccrediteerd werd door de KNSB. De langebaan- en inlineselectie zijn ondergebracht bij Schaatsacademie Noordwest, die ook de baanselectie en C-selectie van de ijsbaan in Haarlem onder haar hoede heeft. De rijders ontwikkelen zich in hun sport, maar krijgen ook ondersteuning op het gebied van onderwijs en voeding. Bij RTC Noordwest wordt tevens aandacht besteed aan een andere belangrijke factor in de topsport: sponsoren.

De talenten die verbonden zijn aan het RTC betalen een zogenoemde opleidingsvergoeding. Ze worden immers opgeleid tot topschaatser. Deze vergoeding wordt gebruikt voor het inzetten van professionele training en ondersteuning. Daarnaast zijn er uitgaven voor materiaal, trainingskampen en ijshuur. Tel dat allemaal bij elkaar op en je bent als sporter per jaar 3.000 tot 5.000 euro kwijt. Een deel van de opleidingsvergoeding betaalt de KNSB en de rest wordt door de rijders zelf opgebracht. Bij RTC Noordwest kunnen deze kosten worden 'terug verdiend' door kleine, individuele sponsoren aan te dragen. In ruil voor hun bijdragen worden sponsors vermeld op de website, of op een schaatspak, en krijgen ze een uitnodiging voor een clinic. Voor familieleden en kennissen die de rijders financiële steun geven, is er een speciale fanavond.

Nemen en geven
Het actief werven van sponsors is geen verplichting voor de sporters, maar wordt wel gestimuleerd om te laten zien dat exposure van een sponsor ook verantwoordelijkheid met zich mee brengt. "Je moet je bewust zijn van jouw positie, oog hebben voor je omgeving en dat zijn onder andere je sponsoren. Je kunt niet alleen nemen, maar moet ook geven. Op kleine schaal, met klein geld, leren we de sporters daarmee om gaan", zegt bestuurslid Victor van den Hoff. "Als je later fulltime topsporter wilt zijn, heb je gewoon sponsorgeld nodig. Kijk naar Ireen Wüst bijvoorbeeld, hoeveel moeite zij heeft gehad om een sponsor te vinden." De schaatsers dragen 'fans' en sponsoren aan en de verdere financiële afhandeling wordt door de stichting Schaatsacademie gedaan. "Dit model werkt vrij goed en is prettig voor ons. Vorig jaar hebben de drie selecties samen 40.000 euro binnen gehaald. We hebben zo'n bedrag liever van ongeveer 150 kleine sponsors dan van twee sponsors waar je enorme afhankelijkheid van creëert en een bedreiging kan zijn voor de continuïteit."

Het aantrekken van geldschieters is niet altijd makkelijk voor de jonge talenten. "Op het moment dat je Nederlands, wereld- of olympisch kampioen bent, kun je zeggen 'kijk eens hoe vaak ik met mijn hoofd en sponsoruitingen in beeld ben'. Maar als aankomend talent of regionale rijder heb je die zichtbaarheid niet. Het mooie vandaag de dag is dat je wel zichtbaarheid kan creëren op sociale media. Sommige atleten zijn daar ongelooflijk handig in. Als jij als sporter 30.000 volgers hebt, dan kan je veel voor je sponsors betekenen. Op kleinere schaal kun je dat ook doen. Ze leren niet alleen beter schaatsen maar ook hoe je met de maatschappelijke kant om moet gaan. De ene is daar handiger in en ligt het beter dan de andere. Maar het gaat om het bewustzijn. Als professioneel sporter maakt dat je completer", aldus Van den Hoff. Sponsoren en fans (familieleden en kennissen) worden via sociale media en nieuwsbrieven op de hoogte gehouden van de vorderingen van 'hun' sporter. "Iedere euro van een familielid is mooi meegenomen. En dat geldt ook voor de lokale bakker die een paar honderd euro wilt storten omdat hij zo’n topsportopleiding een sympathiek idee vindt."

Eigen keuze
"Het is je eigen keuze", zegt de 17-jarige Janno Botman. Dit wordt zijn tweede seizoen bij de langebaanselectie. "Ik probeer wel zoveel mogelijk sponsors te zoeken. Tot nu toe gaat het vrij aardig en hoef ik zelf niet heel veel bij te betalen. Ik vind het wel lastig om mensen om geld te vragen. Maar uiteindelijk doen ze het graag en vinden ze het ook niet erg." Tussen school of studie en trainingen door is er weinig tijd voor een bijbaantje. "Ik heb wel een paar oppasadressen", vertelt Naomi Verkerk. "Dat is makkelijk want dan kan je zelf zeggen wanneer je kan. En het is meestal in de avonden dus dat doe ik wel veel."

Naomi (17) schaatst ook voor het tweede jaar bij RTC Noordwest. "Ik vind zelf werven een goede manier want daardoor leer je hoe je met sponsoren om moet gaan. En je moet er moeite voor doen. Het op zoek gaan vind ik het lastigst want ik merk dat naar vreemde bedrijven toe gaan niet altijd werkt, omdat je dan toch vaak te horen krijgt dat ze het niet willen. Bij mij werkte het beste via via of bij kennissen. Zorgen dat je de eigenaar van een bedrijf kent of dat jij iemand kent die de eigenaar kent."

Is dit een goede voorbereiding op later bij een commerciële ploeg? "Ik weet niet precies hoe dat zit. Maar ik denk dat het dan wel geregeld moet worden door iemand anders als je er zelf niet zoveel van af weet met contracten en dergelijke", zegt Janno. Hij vindt het jammer dat er nog geen hoofdsponsor is die bijvoorbeeld een paar trainingskampen sponsort. "Dat is nog niet gelukt helaas." Je leert van elke ervaring, aldus Naomi. "Maar bij een commerciële ploeg is het natuurlijk heel anders en gaat het ook om veel grotere dingen. Nu leer ik er van op kleine manieren. Het idee dat je sponsoren hebt en dat je daar goed mee om moet gaan, houd je wel bij je. Mijn sponsors willen allemaal wel komen kijken bij wedstrijden maar die zijn vaak best ver weg dus dat is wel lastig. Maar de meesten vinden het echt wel leuk om een keertje aanwezig te zijn."

Klik hier voor alles wat je moet weten over RTC's

Door Anjuli Veltman - Laatste update op 08 sep om 14:26