Een shorttrackschaatser start nooit alleen. Als het druk is, staan er vijf concurrenten in dezelfde baan, de meeste schaatsers rekenen in ieder geval op drie andere rijders in hun heat. Wat is handig om te doen wanneer je met meerdere mensen tegelijkertijd moet starten? De vrouwen van de nationale shorttrackselectie geven tips:

1. Neem ruimte bij de start
De eerste regel van Yara van Kerkhof is simpel. "Neem de ruimte bij de start!", zegt ze. Daar kan iemand niet jong genoeg mee beginnen. De Zoetermeerse ziet het nu nog steeds wanneer ze in een internationaal veld meedoet: Chinezen die hun hand uitsteken om ruimte te creëren. Elke schaatser wil zoveel mogelijk bewegingsvrijheid en houdt de concurrentie liever op afstand.

Van Kerkhof heeft een foefje. Zij streeft ernaar als eerste op de startlijn te staan. "Stel ik start op de tweede positie, dan zorg ik ervoor dat ik nèt iets meer naar rechts sta dan het aangegeven punt waar ik moet starten. Waardoor nummer drie vaak automatisch ook iets verder weg gaat staan." Voordat ze vervolgens daadwerkelijk de punt van haar ijzer in het ijs steekt, schuift Van Kerkhof weer iets terug naar links in de hoop dat haar concurrente rechts niet dezelfde beweging maakt.

2. Laat je niet wegduwen
"Laat je niet wegduwen!", aldus Van Kerkhof. De afstand van de streep tot de eerste bocht is, zeker op de korte afstanden, vaak goed voor de nodige duels. Op sprintafstanden is het belang om als eerste de bocht in te gaan groot. Van Kerkhof: "Dus blijf fel. Als er wordt geduwd, duw dan terug en ga voor je eigen plekje. Het is heel simpel: jij wilt naar de eerste positie, dus ga je naar de eerste positie." Haar ploeggenote Lara van Ruijven weet: "Als concurrenten eenmaal doorhebben dat jij makkelijk aan de kant gaat, doen ze het de volgende keer weer."

3. Profiteer van je tegenstanders
Wie volgens de startlijst veroordeeld is tot de vierde startpositie op de streep, is de onfortuinlijkste schaatser. De afstand tot de bocht is het grootst vanaf die positie. Maar er kan een groot voordeel zijn. Zoals het spreekwoord zegt: waar twee honden vechten om een been, gaat de derde er mee heen. Van Kerkhof: "Als de nummer twee en drie met elkaar in gevecht gaan, kan de nummer vier daarvan profiteren." Van Ruijven vult aan: "Terwijl die andere twee in een gevecht zitten, kan de nummer vier de bocht wijd in gaan en ruim de tijd nemen om snelheid te maken. Daarna is het heel makkelijk om er het volgende rechte eind voorbij te gaan."

4. Start je op de eerste positie? Ga langer rechtdoor!
En wie op de eerste positie start kan denken aan de tip van Rianne de Vries: "Ga iets langer rechtdoor en dan als eerste de bocht in." De nummer een legt de kortste afstand tot de bocht af en bepaalt in feite wanneer de concurrentie kan beginnen met overstappen. Van Kerkhof beaamt dat. "Als het uitkomt om iets langer door te gaan met het rechte eind, wordt de nummer twee gedwongen om te wachten met overstappen. Zolang jij daar in de weg zit, kan dat niet."

Meer tips lezen? Je vindt ze op schaatsen.nl/tips.