Het bijzondere is er inmiddels wel vanaf voor Pavel Kulizhnikov: het rijden van een 33’er is niet speciaal meer. Met ogenschijnlijk gemak zette de Rus vrijdag weer 33,72 op de klok, waarmee hij de wereldtitel op de 500 meter veiligstelde. Een iets snellere opening en de 25-jarige Rus had waarschijnlijk weer een recordtijd kunnen vieren, en dat terwijl hij een dag eerder nog hard ten val kwam.

Op de teamsprint pootjehaakte de sprinter zichzelf namelijk, waarna hij hard op zijn rechterschouder terechtkwam. De toch al gevoelige schouder, waar hij in 2015 aan werd geopereerd, schoot daarbij uit de kom, iets wat sinds die tijd vaker gebeurt. “Het was best moeilijk om vandaag te racen. Ik was heel voorzichtig in de eerste binnenbocht en ging er vanuit dat ik rond de 34,4 zou finishen” luidt het. “Het bleek toch dat het ijs in mijn voordeel was en dat ik makkelijk kon glijden.”

“Gister heeft het ijs me naar beneden gebracht en nu laten winnen, karma!”, vervolgt Kulizhnikov grappend. Of het nog rapper kan zonder blessure? “Natuurlijk, met een goede opening en ronde ga ik voor 33,33”, luidt het.

Voor Kulizhnikov was het zijn derde wereldtitel op de 500 meter. Eerder pakte hij WK-goud in 2015 en 2016. Hij is ook al drievoudig wereldkampioen op de sprintvierkamp. De onttroonde titelhouder Ruslan Murashov bleef ook onder de 34 seconden en pakte namens Rusland zilver met 33,99. Het brons was voor de Japanner Tatsuya Shinhama (34,03).

Foto : Soenar Chamid

Kai Verbij was de beste Nederlander. Hij eindigde met een tijd van 34,32 op de tiende plek. Vlak voor de start liep de schaatser van Team Reggeborgh nog wel even tegen een paniekmomentje aan: bij het checken van zijn schaats kwam hij erachter dat een boutje los zat. Ploeggenoot Michel Mulder zette het op een sprinten naar de materiaalman en wist net op tijd de gerepareerde schaats terug bij Verbij te krijgen.

“Ik dacht, ik zal het boutje een beetje aandraaien, maar hij bleef maar draaien, draaien en draaien”, aldus Verbij. “Ik had mazzel dat er iets misging, want daardoor had ik meer tijd, anders had het wel een beetje krap geweest”, verwijst hij naar een valpartij met bijbehorende ijsreparatie in rit één.

“Ik reed geen slechte tijd, maar ook geen geweldige”, vervolgt de sprinter, die 34,32 op de klok zette. Naar eigen zeggen laat de schaatser van Team Reggeborgh het in verhouding tot zijn snellere collega's in de opening liggen. “Dat gaat het hele jaar al niet goed, terwijl de ronde wel heel snel is. Ik moet daar gewoon even met mijn coach over gaan praten en volgend jaar zal ik er meer op moeten focussen.”

Of hij dan ook de strijd met Kulizhnikov aangaat? “Pavel is geen mens, hij is een machine”, lacht Verbij. “Als je naar hem kijkt en je zet mij ernaast, dan ben ik gewoon een kleuter. Zo breed en sterk is hij.”

Foto : Soenar Chamid

Jan Smeekens reed de twaalfde tijd (34,45). De 33-jarige sprinter is nog steeds de enige Nederlander die ooit wereldkampioen werd op de 500 meter. Dat was in 2017 in Gangneung in Zuid-Korea. Dai Dai N'tab (34,48) reed naar eigen zeggen met een rommelige race naar plek dertien. "Ik maakte net als vorige week al teveel foutjes in de eerste 300 meter. Ik haalde nog wel 61 kilometer per uur op de kruising, maar als je dan een slechte binnenbocht rijdt is het sowieso klaar."

De druk die een WK met zich meebrengt zou onbewust ook mee kunnen spelen volgens N'tab. “Twee weken voor het toernooi rijd ik op een zaterdagmiddag namelijk 34,1. Gewoon tussen neus en lippen door. Dan rijd ik eigenlijk beter, omdat ik niet bezig ben met: nu moet het gebeuren. Ik denk dat ik dat gevecht gewoon nog een keer op een goede manier moet uitzoeken voor mezelf”.

Klik hier voor de volledige uitslagen

Door Maayke Grootscholten - Laatste update op 15 feb om 09:45