Met zijn vriendin en haar familie langs de kant genoot Ian Quinn genoeg steun tijdens de tweede schaatsmarathon in zijn carrière. Na een door valpartijen verstoord debuut in Deventer kende de Amerikaan ditmaal een betere exercitie. In Heerenveen pakte hij met een kopgroep een ronde voorsprong, waarna hij in de finale vluchter Ivar Immerzeel passeerde voor de winst. "Deze ging een stuk beter", grapt hij.

Quinn heeft nauwelijks marathonervaring, maar is geen onbekende in de pelotonsport. Als jochie van acht begon hij namelijk in zijn thuisstad in Missouri met shorttrack. In 2013 stond hij namens de Verenigde Staten op het WK shorttrack voor junioren, waar hij vierde werd op de relay. Daarna maakte hij de overstap naar het langebaanschaatsen. "Ik vond het niet meer leuk. Ik was altijd wel goed in de losse afstanden, dus ben ik dat gaan doen." Quinn excelleert met name op de lange afstanden en komt dit seizoen voor zijn land uit in de World Cups.

Zijn vriendin Carlijn Schoutens rent van de tribune naar het ijs. "Badass", zegt ze nog voordat ze hem kust. De Nederlands-Amerikaanse oud-schaatsster is mede de reden dat hij in Nederland is. Schoutens behaalde in PyeongChang olympisch brons op de ploegenachtervolging, maar besloot onlangs te stoppen met schaatsen om zich in Nederland op haar studie Geneeskunde te richten. Quinn zocht haar op voordat hij deze week doorreist naar Minsk voor de eerste World Cup van het seizoen.  

Samen met zijn landgenoot Emery Lehman, die op 17-jarige leeftijd in Sotsji zijn olympisch debuut maakte, reed hij de afgelopen twee weken in de marathon mee. "Op televisie zag ik vroeger het marathonschaatsen. Het zag er heel indrukwekkend uit en ik denk dat het een goede training is voor de vijf en de tien kilometer. Je rijdt een lange tijd met een hoog lactaat. Je moet jezelf ook manoeuvreren in het peloton, dus het is zelfs nog goed voor de mass start. Dit stond echt op mijn bucketlist om te doen voordat ik zou stoppen", vertelt Quinn na zijn overwinning.

Ploegenspel
Het leukste aan het marathonschaatsen vindt Quinn toch het tactische element. Met jaloerse blik kijkt hij naar hoe de ploegen hun plan op het ijs leggen. "Wij zijn maar met zijn tweeën", vertelt hij terwijl hij kort naar Lehman knikt. "Je ziet de ploegen en hoe ze op elkaar inspelen. Het is heel leuk en heel anders dan langebaanschaatsen." In Heerenveen krijgt hij daar ook een en ander van mee, als hij zijn weg vindt in de kopgroep. "Ik spreek niet zo goed Nederlands, dus ik versta niets van wat de coaches langs de kant roepen. Ik laat me een beetje leiden door mijn gut feeling."

Dit bericht bekijken op Instagram

First Marathon in Deventer was a blast! 📹: @carlijn_12

Een bericht gedeeld door Ian Quinn (@ian_quinn99) op

In de finale vertrouwt Quinn wederom op zijn koersinstinct. Ergens weet hij wel dat het peloton uit koers moet, maar hoe en wanneer dat precies zou gebeuren wist hij niet. "Ik wist wel dat er iets zou gebeuren, maar niet precies wat. Ik zat achterin, dus ging maar naar voren naar de anderen die niet zouden afsprinten." Dat besluit werpt zijn vruchten af. In de voorlaatste ronde slaat Quinn zijn slag door de ontsnapte Immerzeel zelf op te gaan halen. Met gebalde vuisten komt hij over de streep.

Met de overwinning op zak vliegen de Amerikanen door naar de wereldbekers. Het uitstapje naar de marathon blijft voorlopig voor wat het is. In de World Cups hoopt Quinn met wereldkampioen Joey Mantia ook op de mass start de nodige medailles voor Amerika binnen te slepen. Het uiteindelijke hoofddoel is, hoe kan het ook anders, uitkomen op de Olympische Spelen. "Dat is mijn belangrijkste focus op dit moment. Misschien dat ik daarna nog terugkom voor meer marathon. Het zou geweldig zijn om in de A-divisie te kunnen starten. Al zal ik daarvoor wel nog een grote sprong moeten maken", droomt hij van een terugkeer. "Het was in ieder geval fantastisch om te winnen in Heerenveen, toch het mekka van de schaatswereld."

Door Sjors Leek - Laatste update op 12 nov om 12:44