Er gaat geen nacht voorbij zonder dat Itzhak de Laat olympisch kampioen is geworden. De 23-jarige shorttracker fantaseert dag en nacht over de olympische relayfinale. De beelden dat het Nederlandse team als eerste over de streep komt, passeren dagelijks de revue. "Dat voelt best lekker, kan ik je zeggen."

Met een half hersenhelft zit De Laat al in het Koreaans te praten. Niet dat hij ook maar één woord Koreaans kan (‘ik kan nog niet eens gedag zeggen’), maar de Fries kan niet wachten om in het vliegtuig naar PyeongChang te stappen. Het olympische dorp, het olympische stadion, de hele experience. Hij wil het zien, meemaken. En het liefst zo snel mogelijk.

"Ik voel hem nu echt. Ik heb er onwijs veel zin in", stelt een opgewekte De Laat. Hij kreeg een week na de vierde World Cup in Seoul de bevestiging dat hij op de olympische 1000 en 1500 meter in actie mag komen. "Fantastisch", zegt hij glunderend. "Dit had ik aan het begin van het seizoen niet gedacht. Ik heb goede World Cups gereden en daaruit voort vloeiden deze tickets. Ik heb het zeker niet cadeau gekregen, heb het wel echt verdiend."

Koning B-finale
Ook op het EK in Dresden liet hij zien de tickets niet gestolen te hebben. De Laat maakte indruk op bondscoach Jeroen Otter door offensief te rijden. Vooral in de makkelijkere ritjes nam De Laat initiatief; in de wat moeilijkere ritjes bleef hij rustig op zijn kans wachten. Het leverde hem weliswaar geen A-finale op, maar wel drie B-finales. Dat zorgde voor gemengde gevoelens bij De Laat.

"Ik heb niet de resultaten gehaald die erin hadden gezeten. Een Europese medaille staat al jaren op mijn bucketlist, maar aan de andere kant kan ik tevreden zijn hoe ik heb gereden. Dit jaar was ik koning van de B-finale, volgend jaar word ik de koning van de A-finale", zegt hij zelfverzekerd. "Uiteindelijk neem ik veel vertrouwen mee naar de Spelen."

Nee, De Laat hoeft zich niet te schamen voor zijn resultaten. Het was immers nog maar zijn eerste individuele internationale kampioenschap. Maar van extra spanning had De Laat amper last. "Ik kan er goed mee omgaan. Het voelde voor mij ook niet nieuw. Bij World Cup wedstrijden heb je nog langere dagen en staat er soms meer druk op. Bovendien ben ik zo’n sterk deelnemersveld wel gewend door de wereldbekers."

Nagelbijten
Toch heeft De Laat al die jaren de EK’s en WK’s langs de kant moeten volgen. Alleen tijdens de relay mocht hij het ijs op. "Dan heb je één taak waarop je je kan focussen. Bovendien zijn de wedstrijddagen relaxter, omdat je maar één keer hoeft te rijden", noemt de Laat twee voordelen. "Maar aan de andere kant verveel je je op zo’n dag dood en ben je alleen maar op je nagels aan het bijten."

De Laat vindt zichzelf geen man van de grote stappen, hij is de persoon die geen enkele traptrede overslaat. Dit seizoen presteerde hij in de World Cups beter dan ooit door twee B-finales te halen op de 1500 meter. Op het NK werd hij tweede in het klassement achter Daan Breeuwsma. Dat hij nu wat meer in de picture komt, werd volgens hem ook wel eens tijd.

"Ik ben onderhand ook al wat jaren bezig. Mijn eerste World Cup reed ik op mijn zestiende, dat is al zeven jaar geleden. Dat ik er nu bijna bij hoor, doet me wel goed", aldus de 23-jarige shorttracker, die inmiddels een vaste waarde is in het relayteam. Samen met Sjinkie Knegt, Daan Breeuwsma en Dennis Visser werd hij op het EK in Dresden Europees kampioen. Met datzelfde team won hij vorig jaar ook de wereldtitel in Rotterdam.

Vandaar dat De Laat allang met zijn hoofd op de olympische baan van Gangneung zit. Hij ziet het al voor zich. Sjinkie Knegt die de laatste ronde van de olympische relayfinale op kop rijdt en vervolgens als eerste juichend over de streep komt. "Ha, daar fantaseer ik dag en nacht over. Dat gevoel dat je weet: we gaan hem gewoon winnen. Dat zie ik elke nacht gebeuren. Ja, in mijn dromen ben ik al verdomd vaak olympisch kampioen geworden, haha."

Lees hier alles over de Olympische Spelen in PyeongChang

Door Rijcko Treep - Laatste update op 01 feb om 13:13