Technisch directeur Arie Koops (54) neemt aan het eind van het schaatsseizoen 2017-2018 afscheid van de KNSB. Hij kiest na twaalf jaar in deze functie te hebben gewerkt voor een nieuwe uitdaging buiten de schaatsbond.

Arie Koops: "Na twaalf jaar staat de schaatssport in Nederland stevig in de steigers,  inclusief onze regionale trainingscentra voor talentherkenning en –ontwikkeling. We zijn bijna aan het eind van een Olympische cyclus. Een technisch directeur bij een sportbond denkt in termijnen van vier tot acht jaar. Na de Winterspelen in PyeongChang is het daarom een mooi moment om het stokje over te dragen."

Om te vervolgen: "Door mijn vertrek bijtijds kenbaar te maken, geef ik de KNSB ruim de gelegenheid om op zoek te gaan naar een geschikte opvolger, die vervolgens ook weer kan werken in een cyclus van vier jaar aan de sportieve successen richting Beijing 2022."

Koops heeft twee periodes bij de KNSB gewerkt. Van 1986 tot 1994 was hij conditietrainer van de toenmalige kernploegen. In de winter van 1991-1992 fungeerde hij ook als bondscoach. Tussen 1994 en 2006 was Koops onder meer werkzaam voor de KNWU en de commerciële schaatsploeg Sanex.

In 2006 keerde Koops terug bij de KNSB, aanvankelijk als manager topsport, later als directeur sport en technisch directeur. In die functies maakte hij twee Winterspelen mee, die van Vancouver en Sotsji. Van 2011 tot 2014 was Koops ook bondscoach van de Nederlandse achtervolgingsploegen.

Koops kan terugkijken op een periode waarin het schaatsen zeer succesvol was. Vooral de medailleregen in Sotsji (24 stuks) staat alle schaatsfans in Nederland nog helder voor ogen. Daarbij de twee gouden plakken op de ploegenachtervolging, waar Koops als bondscoach zelf verantwoordelijk voor was. Ook de structurele prestatieverbetering bij het shorttrack mag niet onvermeld blijven, waarbij naast de historische medaille van Sjinkie Knegt in Sotsji ook de successen tijdens het WK in Ahoy Rotterdam eruit springen. Daarnaast begint het tienjarenplan bij kunstrijden z’n eerste vruchten af te werpen met o.a. deelname aan de grote internationale toernooien. Ook bij inlineskaten, dat sinds 2010 onder de KNSB valt, doet Nederland structureel mee met de Europese en wereldtop.

Koops: "Dat het Nederlandse schaatsen zo succesvol is, vervult mij met trots. Ik haal en haalde veel voldoening uit de vruchtbare samenwerking met zo veel goede coaches, de merkenteams en Jeroen Otter met zijn nationale trainingsselectie, die het shorttrack definitief op de kaart heeft gezet. Het is en was mooi om onderdeel van dit samenspel te zijn."

Wat hij zelf na deze schaatswinter gaat doen, weet Koops nog niet. "Eerst de Olympische Spelen in Zuid-Korea, daarna de rest. De toekomst ligt geheel open, maar mijn ambities liggen wel in de wereld van sport, training en coaching."

De schaatsbond is Koops erkentelijk voor zijn geleverde prestaties. "Bij Arie was de sport in goede handen. Het schaatsen heeft zich onder zijn leiding enorm doorontwikkeld, met aansprekende mondiale prestaties als resultaat", aldus directeur-bestuurder Piet Geurts. "We zullen zorgvuldig op zoek gaan naar een waardige opvolger."

Hoewel het einde van zijn contract nadert, brandt Koops nog van de ambitie om zijn bijdrage te leveren aan nieuw Nederlands succes op de Winterspelen van 2018 in Zuid-Korea. "De focus van iedereen in de schaatssport, zeker ook bij mij, ligt geheel op PyeongChang. Daar willen we straks optimaal presteren."

Het dienstverband van Arie Koops met de KNSB eindigt op 1 juli 2018.