Het was een lange winter voor Dai Dai Ntab. De jonge sprinter reed bijna alle belangrijke internationale wedstrijden, maar gaf zichzelf daardoor amper rust. “Ik was voor het eerst in m’n carrière mentaal op.”

De 22-jarige rijder van Team Plantina zag het vliegtuig zowat vaker dan zijn eigen huis. De vakantie in maart kwam dan ook als geroepen. “Ik ben samen met mijn vriendin een weekje naar Gran Canaria geweest. Daar waren we allebei wel aan toe”, zegt Ntab, die zijn vrije tijd vooral heeft gebruikt om zijn vriendin de volledige aandacht te geven. “Mijn schema is wel leidend voor haar, ik kan me voorstellen dat het voor haar best pittig is. Dan is het heel fijn om lekker een weekje op het strand te liggen en samen te zijn.”

In het offseason let Ntab wat minder op zijn voeding. Ook vindt hij het op tijd naar bed gaan even niet zo belangrijk. “De prioriteit ligt dan niet op het schaatsen, maar op het chillen. Ik probeer in zo’n vakantie juist een beetje te genieten.” Toch blijft het onderhouden van sociale contacten een probleem. En ook nu de Olympische Spelen in aantocht zijn, heeft Ntab daar weinig tijd voor. “Het contact wordt elk jaar minder, maar ik richt me volledig op de Spelen. Ik hoop dat ik na de Spelen weer vaker met ze kan afspreken. Als ik me tenminste plaats hè”, voegt hij daar nog gauw aan toe.

Revanche
Ntab is gebrand om zich op de Spelen te revancheren voor de WK afstanden van afgelopen seizoen. Uitgerekend op de baan waar hij volgend jaar in Gangneung voor goud hoopt te gaan, ging het mis voor de debutant. Hij viel in de laatste bocht van de 500 meter. “Het WK was een flinke tegenvaller. Daar ben ik wel even ziek van geweest”, vertelt hij eerlijk. “Gelukkig heb ik er geen grote problemen aan overgehouden. Het is nou niet zo dat dit m’n laatste WK was ofzo.”

Ondanks de teleurstelling van de val was het een leerzame week in Zuid-Korea. Zo kon Ntab alvast wennen aan het sfeertje in het Aziatische land. “Het is niet niks om elke keer van hotel naar ijsbaan te reizen. Bovendien is het een hele andere cultuur dan wij gewend zijn. Aziaten hebben hele andere gewoontes”, weet Ntab, die het ‘trucje’ volgend jaar op de Spelen heel graag goed wil maken. “Dat zou de beste revanche zijn ja, ha!”

Toch liet hij een maand na dat WK al zien hoe hij het trucje perfect uitvoert. Tijdens de wereldbekerfinale in Stavanger won hij alle twee de 500 meters. “Ik was er na de val op gebrand de volgende wedstrijden goed te rijden. Dat het dan lukt, is geweldig. Ik had het echt niet verwacht”, vervolgt Ntab, die door die overwinningen ook nog eens het wereldbekerklassement won. Toch spreekt hij van een ‘anticlimax’. “Ik was heel blij dat ik de wereldbeker won, maar het voelde niet als een gigantische prestatie. Er waren ook niet heel veel mensen in de hal. En uiteindelijk win ik liever goud op de Spelen of op een WK.”

2 Worldcup wins on the 500M and the overall classification . Thank you Stavanger for this amazing weekend!! 🏆

Een bericht gedeeld door Alexandre Dai Dai Ntab (@daidaintab) op

Ingetogen
Nog even iets verder terug in zijn fraaie seizoen. Zijn eerste mijlpaal bereikte Ntab in Kazachstan. In Astana won hij zijn allereerste wereldbeker ooit en brak hij definitief door. “Een moment om nooit meer te vergeten, dat was echt iets magisch", glundert hij. Ook werd Ntab voor het eerst Nederlands kampioen op de 500 meter. Een succesvol seizoen dus, maar zelf spreekt hij van een ‘enerverend’ seizoen. “Ik heb alle belangrijke internationale wedstrijden gereden, op het EK en WK sprint na. Ik heb een goed niveau laten zien, daar ben ik heel blij mee. Maar het is niet uit de lucht komen vallen. Ik ben hier al vanaf mijn achttiende serieus mee bezig. Nu vallen alle puzzelstukjes in elkaar.”

In Astana schreeuwde hij het uit toen hij zijn tijd op het scorebord zag. Toch was dat een zeldzame vreugde-uitbarsting van de jongeling. “Ik mag me wat vaker laten horen als ik iets goeds heb gedaan, ik moet niet denken wat anderen daarvan vinden. Van binnen voel ik die ontlading wel, maar ik schreeuw het niet uit. Ook toen ik Nederlands kampioen werd, was ik vrij ingetogen. Dat komt denk ik ook omdat mijn doel het WK was. Als ik die had gewonnen, had ik het zeker uitgeschreeuwd, haha!”

Waar valt er op schaatsgebied nog wat te winnen? Ntab is duidelijk: “Mijn rondjes kunnen nog altijd beter en ik wil graag 9,4 seconden openen. En verder wil ik ook mee gaan doen op de 1000 meter.” Sowieso wil hij zichzelf elk jaar blijven doorontwikkelen. “Ik werk elke dag hard om de beste te zijn, maar het zijn moeilijke tijden om er als sprinter met kop en schouders bovenuit te steken.”

Foto : Erik Pasman

Druk
Want alleen in Nederland al heeft Ntab veel concurrentie. Jan Smeekens, Ronald en Michel Mulder en Kai Verbij hebben internationaal laten zien dat ze een 500 meter kunnen winnen. Bij het olympisch kwalificatietoernooi (OKT) is het dus voor iedereen de dood of de gladiolen. “Ik ben dan weliswaar nog jong, maar vier jaar wachten duurt heel erg lang. Ik wil de boot absoluut niet missen. Of ik kan presteren onder druk? Daar heb ik meestal niet zoveel moeite mee. Druk is iets wat je jezelf oplegt. Uiteindelijk moet je gewoon zo hard mogelijk je rondje rijden.”

Mocht Ntab de Olympische Spelen halen, weet hij één ding zeker. “Dan ga ik goud winnen”, zegt hij zelfverzekerd en met een knipoog.

Door Rijcko Treep - Laatste update op 17 jul om 09:29