'Ik vind het mooi om iets terug te...
De vrijwilliger van deze week is Piet van der Zwaag.
Piet van der Zwaag
Piet van der Zwaag (64) uit Joure is een échte marathonman. "In de winter dan," vult hijzelf direct aan. "want in de zomer ben ik druk met zeilen." Beide sporten heeft Van der Zwaag fanatiek beoefend. Maar liefst zeventien keer won hij de Sneekweek en net als bij het marathonschaatsen is hij ook nu nog altijd actief als vrijwilliger binnen het zeilen. "Ik vind het mooi om iets terug te doen voor de sport."
Als schaatser heeft Van der Zwaag het prille begin van de marathon meegemaakt. Hij was ploeggenoot van Jan Roelof Kruithof, Jan Uitham, Anne Postmus, Marten Hoekstra en Jeen van den Berg in de eerste gesponsorde marathonploeg (zie foto).
Na tien jaar A-peloton en een dikke tien jaar bij de veteranen te hebben gereden, kwam er een einde aan z’n actieve carrière. Daar waar andere oud-schaatsers trainer of ploegleider worden, werd Van der Zwaag scheidsrechter.
Voelde u zich gelijk geroepen om scheidsrechter te worden?
"Ik ben destijds gevraagd. In eerste instantie om in de scheidsrechterscommissie te komen, maar dat hoefde voor mij niet. Ik wilde eerst scheidsrechter zijn. Ik ben trouwens ook meer een praktijkman. Op zich ligt het leidinggeven en verantwoordelijkheid nemen wel in mijn aard. Je moet je als scheidsrechter namelijk wel realiseren dat je het eigenlijk nooit goed doet. Soms krijg je heel wat over je heen en daar moet je wel tegen kunnen."
Zoals bijvoorbeeld na afloop van de laatste natuurijsmarathon in Eernewoude.
"Ja. Ik was niet blij met hetgeen er in de krant stond en wat een rijder over de jury had gezegd. Gelijk na de finish mag men wat mij betreft impulsief reageren. Op de kunstijsbaan zeg ik altijd ‘rij even een rondje en kom dan weer’. Dan kan de hartslag even dalen en de adrenaline even zakken, waarna een normaal gesprek gevoerd kan worden. Meestal tenminste, want sommige rijders en ook coaches zijn wel eens de realiteitszin kwijt."
"Maar men moet zich ook realiseren dat je als scheidsrechter niet alles kunt waarnemen en dus ook wel eens wat mist. Dat moet je kunnen accepteren en daarnaast bij jezelf te rade gaan of het allemaal wel klopt of dat het niet alleen frustratie is. Gelukkig heb ik er verder geen last van en lig ik ’s avonds niet wakker. Ik straf ook zonder aanzien des persoons, grote namen maken bij mij geen verschil."
U bent zowel op kunst- als natuurijs scheidsrechter. Wat heeft uw voorkeur?
"Natuurijs is natuurlijk het mooist. Daar is de meeste afwisseling en in wezen ligt daar de oorsprong van het echte marathonschaatsen. Het kunstijs is erbij gekomen om ook wedstrijden te hebben wanneer er geen natuurijs ligt. Op natuurijs hou ik me ook bezig met technische zaken, zoals: opbouw van het parcours, hoe het parcours loopt, waar de verzorging komt en waar de finishstraat."
U bent ook regelmatig hoofdscheidsrechter. Wat is het verschil met een ‘gewone’ scheidsrechter?
"In principe niet zoveel. Meestal worden op één dag meerdere wedstrijden – dames, topdivisie, 1e divisie en/of masters – verreden en hiervoor worden drie scheidsrechters, waarvan één hoofdscheidsrechter, aangewezen. Als hoofdscheidsrechter heb je de algehele leiding en eindverantwoordelijkheid van de wedstrijd. Elke scheidsrechter doet een wedstrijd en dat is ook wel nodig omdat tussendoor vaak weinig tijd is. Mochten er problemen met uitslagen of dergelijke zijn, kan de volgende scheidsrechter gewoon starten."
Een scheidsrechter waakt over het sportieve verloop van de koers.
"Klopt. Op natuurijs is het bijvoorbeeld soms ook mogelijk om af te snijden als je wilt, dus daar hou ik toezicht op. Verder zie je wel eens rijders in de luwte van de NOS-trike schaatsen. Die krijgen een waarschuwing. Wanneer ze zelfs gaan vasthouden, haal ik ze uit de wedstrijd. Dat kan natuurlijk niet. Naast algemeen toezicht op de wedstrijd let ik op natuurijs vooral ook op de veiligheid. Van de rijders, maar ook van de toeschouwers. Zij hebben soms geen idee wat voor een situaties kunnen ontstaan."

Waarom vindt u marathonschaatsen zo mooi?
"In de eerste plaats omdat ik het zelf altijd gedaan heb. Het is ongedwongen en laagdrempeliger dan langebaanschaatsen. De rijders gaan vóór en na de wedstrijd ontspannen met elkaar om, hoewel de tijden veranderen en er steeds meer belangen komen."
Wat geeft u voldoening in dit vrijwilligerswerk?
"Dat is voor mij toch het hele marathongebeuren. Dat ik een bijdrage kan leveren zodat de rijders hun wedstrijden kunnen schaatsen. Zonder scheidsrechter geen wedstrijd. Dat moeten ze zich wel realiseren. Het wordt steeds lastiger om mensen te vinden die het willen doen. Ik spreek wel eens mensen die zeggen: ‘Respect voor wat je doet, dat ga ik nooit doen.’ De KNSB zou misschien wat gerichter mensen moeten benaderen, waarvan men denkt dat ze geschikt zijn. Ik let daar zelf ook op, want ik geef jurycursussen. Feit is dat mensen zich niet vanzelf melden."
Hoelang denkt u nog scheidsrechter te blijven?
"Ik doe dit werk nu zo’n 15 jaar en na elk seizoen houden we evaluatiegesprekken. Ik hoop dat ikzelf op tijd aangeef om te stoppen. Het moet niet zo zijn dat anderen tegen mij gaan zeggen ‘zou je niet eens stoppen’. Maar ik voel me nu nog fit en ik wil zeker nog wel een aantal jaren doorgaan."
Welke vrijwilliger wilt u graag terugzien in de 'Vrijwilliger van de Week', en waarom? Laat het ons weten door een mail te sturen naar redactie@schaatsen.nl!



