Tickets
Webshop
Tip

Schaatskleding

Kleding vervult bij schaatsen, net als bij andere (winter)sporten, een belangrijke rol. Het biedt niet alleen bescherming als je valt, kleding beschermt ook tegen kou (onderkoeling en bevriezing). Het is natuurlijk vooral belangrijk dat de kleding prettig zit en je niet belemmerd wordt in je bewegingen. Kleding mag niet knellen, maar ook niet flapperen.
 

Te veel kleding veroorzaakt door transpiratie veel vochtverlies, te weinig kleding kan weer leiden tot onderkoeling en bevriezing. Als je als recreant een schaatstoertocht gaat rijden, is het daarom handig een klein heuptasje mee te nemen zodat je de mogelijkheid hebt kleding uit te doen als je het warmer krijgt.

 

Laagjes

Het is aan te bevelen om, ook als het overdag niet vriest, tijdens het schaatsen kleding te dragen die lucht kan vasthouden in verschillende lagen. Hierbij is de hoeveelheid niet bewegende lucht (dead air) van belang. Beweging van lucht zorgt namelijk voor afgifte van warmte. Die afgifte van warmte kan worden beperkt door materiaal te gebruiken waarin lucht wordt vastgehouden. Bijvoorbeeld wol.

Wollen kleding is goed, maar inmiddels overtroffen door 'kunststof' kleding: speciale kunststofvezels die het transpiratievocht niet opnemen, maar geleiden naar de buitenlaag zodat het kan verdampen. Dus geen natte en plakkende truien meer. Deze kleding is voor actieve sporters in allerlei sporttakken geschikt, in zomer en winter.

Kunstijs versus natuurijs

Bij schaatsen maken we onderscheid in het kledingpakket voor op de kunstijsbaan en op natuurijs. Vooral de temperatuur speelt daarbij een belangrijke rol. Zelfs voor marathonschaatsen is het vaak een kwestie van kiezen en gokken om een goed evenwicht te vinden. Een zorgvuldige voorbereiding is daarom essentieel en kan het plezier in het schaatsen in ruime mate verhogen.

Voorbeeld schaatsoutfit
Hieronder vind je enkele mogelijkheden voor kleding op kunstijs en natuurijs. Voor alles geldt: test wat voor jou het beste werkt, zodat je goed gekleed ten ijs komt als Koning Winter het land betreedt. Wat je kiest is afhankelijk van onder andere de gevoelstemperatuur.

Kleding      Kunstijs            Natuurijs
Ondershirt (met lange of korte mouw)
Let op dat de hele rug bedekt wordt.   
xx
Slip, al dan niet windwerendxx
Sport BHxx
Vochtregulerende sokkenxx
Schaatsonderpak (vochtregulerend)
(in plaats van een ondershirt, of tweedelig)
xx
Lange onderbroek (vochtregulerend) x
Skipulli (vochtregulerend) als 2e laagxx
Salopette (eventueel thermo)xx
Schaatspak of thermopak, met zakken
op de rug (handig op natuurijs)
xx
Trainingspak met ritsbroekxx
Winddicht jackxx
Handschoenenxx
Muts of haarbandxx
Bivakmuts x

Tips voor extra bescherming

Bij extreme kou kun je onderstaande middelen toepassen:

  • Smeer uitstekende delen van je gezicht (draag een bivakmuts), tenen, bovenarmen/schouders, knieën en liezen in met uierzalf of watervrije crème.
  • Dubbel paar handschoenen (dunne onderhandschoenen en wanten of overhandschoenen).
  • Neopreen overschoenen voor over de schaatsschoen.
  • Skibril om oogbevriezing en sneeuwblindheid te voorkomen.
  • Bescherm knieën en ellebogen tegen vallen met schuimrubber beschermstukken. Ook handig bij tochten waarbij je veel onder bruggen door moet kruipen. Let op: gebruik nooit elastiek om de beschermstukken op hun plaats te houden omdat dit de bloedsomloop kan belemmeren.
  • Snijvaste scheenbeschermers en kniebeschermers voor als je veel in een groep rijdt.
  • Neem een klein rugzakje of skitasje mee met pleisters, stempelkaart, routebeschrijving, geld enzovoorts.
  • Bescherm je edele delen en knieën en rug met zeemleren stukken.
  • Neem schaatshoezen mee voor het klûnen.

Windchillfactor of gevoelstemperatuur

We weten het allemaal: dezelfde temperatuur kan bij de ene weersomstandigheid heel anders aanvoelen dan bij de andere. Maar hoe zit dat nu precies? Waarom is een temperatuur van min vijf graden Celsius zonder wind niet eens zo onaangenaam, terwijl met een beetje wind erbij het direct guur aanvoelt?

De verklaring daarvoor is wat weerkundigen het 'windchill-effect' noemen. In landen als Amerika en Engeland is het heel gebruikelijk dat in het weerbericht behalve de thermometertemperatuur ook de gevoelstemperatuur wordt vermeld. De gevoelstemperatuur geeft aan of de kou ook werkelijk onaangenaam of zelfs gevaarlijk wordt. De waarde die op de thermometer wordt afgelezen, is daarvoor niet voldoende. Een temperatuur van bij voorbeeld min veertien graden Celsius, gepaard gaande met windkracht zeven, kan op de mens overkomen als vriest het maar liefst 39 graden.

Belangrijk bij de gevoelstemperatuur is de verdamping van het transpiratievocht. Hoe meer wind, hoe sneller de verdamping. En doordat verdamping van zweet warmte aan het lichaam onttrekt, koelt het lichaam af. Bij een gevoelstemperatuur tussen min twaalf en min dertig graden kunnen na één tot anderhalve minuut al bevriezingsverschijnselen bij onbedekte huid optreden. Het is dus zaak de buitentemperatuur in de winter niet te onderschatten en zich goed te kleden. Vooral bij ogen en oren treden snel bevriezingsverschijnselen op.