Tickets
Webshop
Tip

De overstap van inlineskaten naar schaatsen volgens Elma de Vries

Tips van de alleskunner

Het ene rolt, het andere glijdt, maar in grote lijnen lijkt er daarnaast weinig verschil te zijn tussen inlineskaten en schaatsen. Toch geldt: wie al te nonchalant denkt over de overstap van wielen naar ijzers, kan bedrogen uitkomen.

Ze was twaalf, had een volledige zomer fanatiek getraind, voelde zich sterk en dacht: dat ijs, dat doe ik wel even. Prompt gleed Elma de Vries zes keer onderuit. Een wijze les die ze nooit meer vergeet.

De Vries deed in Vancouver mee aan de 5000 meter op de Olympische Spelen en wist als marathonschaatsster een groot aantal belangrijke wedstrijden te winnen. Ook is ze wereldkampioene op wieltjes op het onderdeel aflossing. Een titel die ze samen met Manon Kamminga en Irene Schouten haalde. De combinatie tussen inlineskaten en schaatsen doet De Vries al jaren.

Daarmee lijkt de alleskunner de uitgelezen persoon om te vertellen over de verschillen tussen beide sporten. Haar voornaamste advies: "Doe de eerste vier ronden even rustig aan. Dat heb ik zeventien jaar geleden wel geleerd toen ik zes keer op mijn smoel ging."

Basket- en volleybal

De Vries ziet de twee disciplines als twee totaal verschillende sporten. "Het is hetzelfde als basketbal en volleybal naast elkaar leggen. Voor beiden wordt een bal gebruikt, maar ze zijn hartstikke verschillend. Dat geldt ook voor mijn sporten."

"Om te beginnen zijn wielen al veel zwaarder, dat geeft een ander gevoel dan ijzers." Als schaatsster rijdt ze langer op een been, dan glijdt ze. Voor inlineskaten is het noodzakelijk om sneller te wisselen van het ene been naar het andere. "Als ik daar met mijn schaatstechniek kom aanzetten, voelt het direct veel zwaarder."

Dus kiest ze op wielen voor een lichte variant van de zogenaamde double push. Dat is een speciale techniek die door alle inlineskaters wordt gebruikt. Daarbij wordt twee keer per slag afgezet, iets wat onmogelijk is bij het schaatsen.

"Joey Mantia kan het heel goed, maar de meeste vrouwen zijn er wat minder in. Je moet er namelijk heel sterk voor zijn", weet De Vries. Een aantal technische aspecten zijn nagenoeg gelijk in het inlineskaten. Bijvoorbeeld de positie van de heup in de bocht. "Die is vergelijkbaar met het schaatsen. Maar zodra ik van discipline wissel, zet ik wel een soort knop om. Het gehele plaatje is toch anders."

Makkelijker

In april heeft De Vries het makkelijker. De overgang van ijs naar asfalt gaat haar beter af dan andersom. "Bij het schaatsen is de timing heel belangrijk en het sturen van het ijzer. Dat is anders op wieltjes, daar kan ik een fout makkelijker corrigeren en hoef ik op het rechte eind niet zoveel na te denken over bijvoorbeeld de afzet. Bij schaatsen moet ik daar de valbeweging inzetten."

Ze kan zich niets anders voorstellen dan de halfjaarlijkse afwisseling tussen beide sporten. "Ik denk dat het een hele goede training is voor het schaatsen." Maar als ze moest kiezen tussen de twee, zou ze voor inlineskaten gaan. "Vanwege het goede weer", lacht ze. "En voor de wedstrijden. Het racen tegen een tegenstander in plaats van op tijd, dat vind ik heel mooi om te doen."